En toch leefden wij

Titel
En toch leefden wij

Jaar
2015

Pagina's
235



Folkert hier is, zo is het veel beter dan Marijke. (Mijn mening daarover veranderde al snel). Gistermorgen kwam ‘die Hufter’ aanwaaien en toen hij mij in de gaten kreeg gaf hij mij 2 brieven. Neen, zus, dat was haast te veel van het goede. Één van jou en één van moeke. Ik heb ze op de W.C. gelezen. Eerst de jouwe. Zusje, datje mij dat allemaal hebt geschreven dat vind ik fijn. Nu weet ik datje mij net zo vertrouwt als ik jou. Ik heb erover nagedacht. Maar nog niet goed, want al mijn gedachten heb ik op het ogenblik voor hier nodig. Ik ben het er niet mee eens dat wij onze kinderen moeten scheiden als ze ruzie maken, evenmin geloof ik, dat God denkt laat ze het maar uitvechten. Mijn innige overtuiging is dat elk leven zijn plan heeft volgens welk het zich ontwikkelt om zo goed mogelijk tot bloei te komen. De daden, gedachten en gevoelens van al die levens moeten samen gaan, in elkaar grijpen om in orde en regelmaat te kunnen leven. Is dat niet mogelijk dan mankeert er wat aan of er is een teveel, hetgeen zoals alle tekortkomingen het beste verholpen kan worden door het in zichzelf te bestrijden. Zo zie ik de oorlog. Een noodzaak om onszelf uit de geestelijke neergang weer op te heffen al gebeurt dat ogenschijnlijk door er nog dieper in te raken. Onze kinderen moeten vechten en ruzie maken willen ze ooit het verschil tussen ruzie en vrede leren kennen. Als wij hen uit elkaar halen, voelen ze niet diep de betekenis van het doorleefde. Het grote probleem: je kinderen niet te veel te laten vechten met zichzelf, uiterlijk en innerlijk, maar in godsnaam ook niet te weinig. Lossen we elk probleem voor ze op, dan zullen ze later nooit in staat zijn op het juiste ogenblik het zelf te doen. Je laatste brief was niks bitter, hoor. In opstand kom ik nooit, dat kan ik heel eerlijk zeggen. Evenmin als ik in opstand kom dat ik eenzaam ben, kom ik in opstand dat Vader zo vroeg heen moest gaan. Dat ik zowel over de eenzaamheid als over zijn dood verdriet heb, dat spreekt vanzelf. Hij móest sterven, dat voel ik goed, misschien wel juist voor ons. Ook hier geldt zo sterk: wat eerst lijkt door het kwaad nog erger te worden, wordt juist beter. We weten het alleen niet direct, vaak zelfs nooit. En toch, tenminste mij gaat het zo, dat ik nooit meer over hem in angst zit zoals over Mutti en voor hem zelf niets meer hoef te vrezen, is dat niet al een groot pluspunt? Geliefde, datje denkt nog van Dicky te houden (Dicky was de jongste zoon van onze naaste buren. Omdat onze balkons de ideale gelegenheid boden voor de

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.