had je niet verwacht en hij zal dus een verrassing zijn. Ik wacht weer op jouw volgende. Denk veel aan ons zoals ik altijd aan jullie en aan jou in het bijzonder denk. Het is goed te leven zelfs in een tijd als deze is het niet? (...) Een dikke zoen twee armen om je heen. Dag m’n kleine.
Moedertje
Bij deze brief ingesloten het volgende gedicht:
Altijd heb ik dieper willen zien, dan de tastbare dingen en uiterlijkheden; steeds dreef de ziel van mijn ziel mij, te treden langs wegen, waar ik ging als eenzaam man
Nu, op de lage duintop van dit heden, tuur ik gespannen naar de randen van land, zee en lucht, trachtende of ik kan overschouwen de branding van verleden
En toekomst: of achter de vale kimmen
ruime zee is met rustiger gedein
van golven die komen en golven die keren. -
Maar ik sta te laag, en zal hoger klimmen moeten, eer misschien ik in staat zal zijn om de nieuwe zekerheden te leren.
Uit Verzen van Nu
Van Garmt Stuiveling, 1933 *14
Briefje van Lies’ moeder aan Ruth en mij:Haarlem, 27 februari 1944 Beste Ro en E,