En toch leefden wij

Titel
En toch leefden wij

Jaar
2015

Pagina's
235



is het toch vaak fijn en harmonisch. Zoals het dikwijls in Den Haag was, bij hen thuis. Zus, ik heb al veel over hen geroddeld en gezeurd, maar ondanks alles geloof ik nooit dat ik het ergens beter had kunnen treffen en als ik het goed bekijk, zonder mijzelf te sparen, dan ligt het grotendeels aan mij. Niet dat ik het uitlok of zo, maar nog steeds, net als vroeger thuis, dat ik alles veel te veel afweeg. Daar word je gek van. Ik weet soms zelf niet hoe eraf te komen. Het is zo vreselijk moeilijk.

Zus, ik ben zo dik, afschuwelijk, je bruine jurk past me precies (thuis was Ruth zeker twee maten ‘dikker’ dan ik), hij staat me wel goed, hoor. Het vest, dat Ru’s moeder heeft gebreid, is ook mooi geworden. Die groene trui - zo had ik het tegen Ro gezegd - was te leen voor Rudolfs moeder, dat heb je verkeerd begrepen. Is dat goed? Ze heeft zowat niks aan d’r lijf en ze is zo wat van jouw, onze, maat. Val je nu af? Zus, is er hongersnood bij jullie? Zijn jullie nog allemaal gezond? Als een van jullie kan en een fiets heeft en de tocht hierheen aandurft valt er hier nog wel wat te halen, als je iemand kent (hier). Er komen dagelijks mensen uit A’dam, D.H. en Rotterdam eten halen hier. Dus waarom jullie niet. Als iemand het mocht doen dan moet hij vooral textielwaren meebrengen, kleren, stopgaren e.d., daar zijn de boeren tuk op. En alles van zeep, handdoeken, tafelkleden, solutie. Al zulke goederen doen méér dan geld, onthoud dat goed. (Terwijl ik dit overschrijf, zie ik ineens Roos en mij letterlijk de boer opgaan met garen e.d. - nog meegenomen van ons thuis - om levensmiddelen voor de pakjes naar mijn moeder te bemachtigen. Maar dat was maanden voor de hongerwinter, maanden voor de mensen uit het westen hun honger in het oosten trachtten te stillen). Als iemand voor Ag. zou gaan, dan moetje voor dit doel van Henk wat laten halen om te ruilen. Vind je niet? (Henk, de loodgieter, bij wie mijn ouders het laatste jaar zoveel waardevolle dingen, intussen ‘allang’ onvervangbaar, hadden mogen ‘stallen’ tot na de oorlog). Denk er maar eensgoed over. (...)

Het werd een strenge winter met massa’s maagdelijke sneeuw in ons bos, hardnekkige ijsbloemen op onze ramen en een dagelijkse worsteling om alles draaiende te houden. Elke ochtend moest allereerst de pomp worden ontdooid. Wie van ons drieën het vlugst in vorm was, deed zijn uiterste best om met de in de

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.