mens zelf hebben, zonder een fascinerende kracht. Dat hij het goede belijdt zonder datje hem voorpreekt dat Jezus daarvoor gekruisigd is. Bestonden er maar niet al die vormen, die kan ik zo moeilijk slikken. Ik niet alleen. Een heleboel mensen niet. Ru bv. ook niet. We hebben het er al vaak over gehad. Ik denk ook, dat we tenslotte ons wereldrijk slechts in vrede kunnen bouwen op een hemelrijk, omdat de mensen vragen om een macht die af is en hun beveelt. (...) Ik mis hier behoorlijke gesprekken. Mijn hersens denken veel te weinig en ik wou dat ik meer geld had meegenomen (dat wilde ik ook, maar Roos bedisselde natuurlijk alles), dan ging ik vast eens bij de dominee vragen of die me les wilde geven. (Mijn emergency-geld, van thuis meegenomen, had ik al na korte tijd aan Roos en Rudolf in bewaring gegeven).
Ik moet iets hebben waar ik mijn hersens op kan oefenen, iets waar ik over kanphilosopheren. Als ik rust had en tijd voor mezelf zou ik wat schrijven. Ik zit zo vol met dingen waar ik hier met niemand over kan praten, waarover ik altijd aan jullie schreef'. (Ik bedoelde Ruth en Agaath). Vanmorgen in de kerk dacht ik nog, wat is dat nu, dat korte mensenleven, waar we zo een drukte over maken, waarvoor dominees, doktoren en geleerden studeren, studeren om in elke generatie weer meer lichamen en zielen te behouden. Is het wel de moeite?Het moet toch wel. Er is nog zo veel waar ik over moet denken; het ging aldoor niet. Maar nu komt het weer. Als ik maar voldoende alleen ben. Neen, dat is het eigenlijk niet. Ik weet het niet, jij hebt het toch ook. Dan gaat het wel eens en dan weer niet. Doddijntje, als ik zo schrijf voel ik me zo vrij als een vogel in de lucht. Dat ben ik dan ook, hè?Zustertje, ik krijg mijn verstandskies, zegt Roos. Vind je het niet geweldig? Heb jij er al een? Mijn dagboek heeft nog maar één blad. En het papier raakt op. Treurig gewoon.
Toch is het een lollig avontuur geweest. Hoewel met hindernissen. Ik loop nu op klompen. Eén van de overbuur en één van de naastbuur. In de ene verdrink ik, de ander past. (Zelfs klompen - nieuwe althans - waren toen een luxe, waarvoor je ‘zwart’ aan hout moest komen om ze te laten maken). Mijn schoenen zijn totaal kapot, zonde hè? Daarom die klompen.
Geliefde, je dagboek-verjaardagscadeau krijg je pas als alles weer rustig is. Goed? Het spijt me, maar als het nu niet aankomt, heb je er ook niks aan. Vind je niet? Morgen verder.