vader - zorgden voor hem. Naar gelang wij elkaar beter leerden kennen mocht ook ik hem - als enige vrouw buiten hen - uit zijn wagentje helpen als hij dat wenste.
Roos zegt net, dat we Maandag rogge moeten gaan rapen, daar begint dat gezeur weer. Van vacantie is hier ook werkelijk geen sprake. Zowat tot 3 uur werken en dan vervelend wandelen met die hele club. ’s Avonds om half negen pas klaar. Je hebt niks, maar ook niks aan je dag en als je dan even anders doet is Roos kwaad. Morgenochtend ga ik mee naar de kerk met Griet. Tenminste even eruit. En dan wil ik proberen hem de hele dag te smeren, wat vast niet lukt. Maar ja, proberen kost niets tenslotte. Nou en vanavond naar de zweefmolen, waar ik ook voor geen cent zin in heb. Eerst toen ik hier aan je begon te schrijven was het vaak moeilijk om tijd te vinden, maar nu ben ik dolblij dat ik ermee begonnen ben. Het is mijn enige troost. Dit en Griet, die zo lief is. Een beetje als Mutti en toch heel anders. Doddekop ik moet weer gaan werken. Tot kijk.
*28 9 augustus 1944, woensdagmorgen half acht
Hier achter het huis, waar ik anders wel eens lig, heb ik nu de gemakkelijke stoel gezet, terwijl Roos zich wast, en ga ik weer even hier bijwerken. Best mogelijk dat het de hele dag slecht humeur bij Roos tengevolge heeft, maar daar stoor ik me niet aan. Ik geloof beslist dat ze in dit schrift gesnuffeld heeft, haar vrouwelijke nieuwsgierigheid kon vast niet weerstaan, want ze is heel anders. Niet meer hatelijk, veel hartelijker, ik weet niet maar haast weer gewoon. Ze heeft me gisteren ook zo schattig met het inpakken van Mutti’s pakje geholpen. (...) Maandagmorgen moest er weer gewassen, dat doen we hier zowat elke dag, daar krijg je gewoon de pip van, maar het kan niet anders. Later hakte ik hout (voor het kookfornuis) met twee handen. Dan kan ik het wel. Ik vond het heerlijk, vooral die dikke knotsen, waarbij je heel, heel ver uit moet halen en waar je je hele kracht op moet gooien. Roos heeft kruimelkracht, dus heb ik het maar alleen gedaan, terwijl zij zo een beetje bij de kachel