— Moeder! riep Media, die bij haar was, angstig, dat is de man die ons heeft opgesloten.
Een vriendelijk, doch beslist handgebaar van professor deed den detective terug treden.
— WiltU naderbij komen, dames? vroeg hij dan.
De assistenten schoven fauteuils bij.
— Professor! zei mevrouw Margie met trillende stem, ik beschuldig dien man van moordaanslag met een revolver. Hij is een moordenaar óf gek.
Professor knikte, en wenkte sussend tegen Waller, die op heftige wijze zijn instemming getuigde.
— Mejuffrouw, vroeg hij Media dan, herkent U dezen man ook?
— Ja, professor, antwoordde het meisje, met haperende stem. Gisterenmiddag is hij langs het balcon ons huis binnengeklommen en toen heeft hij Lena en mij opgesloten.
Ze vertelde nu dat ze ongeveer tegelijk met het dienstmeisje was bijgekomen en dat Lena de deur met geweld had opengemaakt.
Professor Van Meekeren luisterde aandachtig, één oog gericht op den detective, die nu en dan verontwaardigd het hoofd schudde. Waller en Vogel hadden hem reeds de episode uit den kolenkelder verteld en die had hem meer geamuseerd dan hij had doen merken. Uit den mond van dit meisje vernam hij nu weer andere daden van den verbeelden detective, voor wien hij reeds lang eenige belangstelling had.
Het meisje was nog niet geheel uitgesproken, toen Joris Jochem opnieuw opsprong om haar vertelling te verbeteren. Het kind, door zijn plotselinge beweging geschrokken, stond op en deed eenige stappen in de richting van Waller.
— Vrees niets, lieftallig meisje, zei nu de detective op hartelijken toon, ik wil alleen het goede. Hier op mijn borst draag ik het over-
236