Om de macht

Titel
Om de macht

Jaar
1931

Pagina's
439



pogingen te doen, Bouwer te bereiken. Deze las het echter in het avond-nummer van het Partijblad.

—    Je gewezen beschermer is ziek, zei hij schertsend, Gertrud de krant overreikend.

—    Er staat niét bij, wat hem scheelt, merkte ze met bleek lachje aan.

—    Misschien moet dat wel geheim blijven.

Hij zei het in scherts, zonder bijbedoeling en greep een andere krant. Doch, zij sloeg verschrikt de oogen naar hem op, zocht er een zinspeling achter; haar kleur trok geheel weg en ongemerkt drukte ze de hand tegen haar buik. Al gedurende eenige dagen voelde ze weer de oude pijn, bij tuschenpoozen en nu was het haar net, of het bericht van Kaufmanns ziekte haar erger maakte. Ze was dus niét genezen, flitste door haar brein, ze was die ziekte nog nooit kwijt geweest. Maar dan . . . Dan moest dat wel de reden zijn, waarom het Partijblad niet meldde, wat Kaufmann scheelde. Ze mocht hem niet erg, maar hij was toch goed voor haar geweest en had haar vaak geld voor vader gegeven. Maar nog erger was het voor Willem, ja, die stond dan aan hetzelfde gevaar bloot. En wellicht was dat dan ook wel de oorzaak van Max’ ziekte, méér dan het feit dat zij hem verlaten had. Ofschoon, voor Willem vond ze het het ergst en ja, voor Boersma speet het haar ook wel. Ze hadden elkaar, weliswaar slechts vluchtig omarmd, dien eenen keer, ze hield heel niet van hem, vond hem alleen aardig en een echt heer. De hoofdzaak bleef echter, dat Willem gezond bleef, dié was nu haar man, haar koning. Boersma. ... ze hadden niets naders afgesproken.

—    Wat staat er in de andere kranten voor nieuws? vroeg ze, om zich een houding te geven. Ze vreesde dat hij haar bezorgdheid, haar angst bemerken zou.

—    Niéts van belang. Nou ja, ze schijnen alle zeker te weten dat we overmorgenavond voor ’t eerst uitkomen. Verdomme, Giel Berends dood! kreet hij dan. ’k Had nog wel zoo stellig beloofd, gauw terug te komen, zei hij zacht, spijtig. En in dat smerige Partijblad staat er geen woord over, wel? Nu, dan moet ik er vanavond nog even heen. Ga je mee, Gert?

—    Ik ben zoo moe, klaagde ze, met bleeke lippen.

Ze had pijn en voelde zich onprettig, maar ze wist dat ze thuis bleef om een ontmoeting met Helen te vermijden. In gedachten hoorde ze het meisje reeds, haar op woedenden toon beschuldigen, dat ze de oorzaak was van de vreeselijke ziekte van haar broer. Als zoo iets plaats vond, in Willems tegenwoordigheid, zou hij haar zeker op het moment zelf in den steek laten, dacht ze. En dan.    ?

Mevrouw Berends gaf haar toestemming, den dichter door het Verbond te doen begraven. Bij zijn thuiskomst, reeds, maakte de leider zijn voorbereidingen op papier, om ze door Suze te laten doorgeven; hij

406

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.