253
„Omdat er veel zal zijn, wat je in beslag neemt, dear Sally,"
„What do you mean?”
„Dat weet je heel goed, Doe niet zoo onwetend."
„Ik geloof het ook, baby, Je hebt me aangestoken met die gevaarlijkste aller ziekten, die ze liefde noemen.”
„Hij is de rechte man voor je. I am sure,”
„Ik ook, En 't malle is, dat ik eerst weg moest zijn, om het zeker te weten.”
„Ik ben zóó blij voor je, Je heele leven zal er door veranderen,”
„Ja, omdat jij, my little sister, mij eerst zoo veranderd hebt, dat er plaats kwam voor betere gevoelens. Norinchen, blijf je mijn little sister, ook als ik ver weg ben?”
„For ever, dear,”
Twee krachtige handdrukken, twee blikken, die spraken van onveranderlijke gevoelens.
„Ga maar slapen, je moet morgen weer zoo vroeg op.” Sally stopte het dek met haast moederlijke zorg in.
„Ik zal 't probeeren,”
Vol van het groote geluk lachten Norine's oogen haar tegen.
„Good night, baby-sister, sleep well,” en Sally, zachtkens weg wiegend op haar zijden muiltjes, zong het liedje, dat bekend is geworden door de geheele wereld: