het dwaze, ongegronde gevoel, waarvan we elke andere dag in 't jaar ook wel weten hoe dwaas en hoe ongegrond het is, maar waarin we ons die avond wentelen als ware het werkelijkheid...
De kinderen voelen zich de helden van het ogenblik, onder druk gesnap en beweeg verbergen ze hun zenuwachtigheid, want dit is wel geen 'uitvoering' maar er zijn toch zoveel grote mensen gekomen om te luisteren. De oudere meisjes vertederen zich... ze herdenken kerstvieringen van tien, twaalf jaar geleden, toen zij de 'kerstcantate' zongen en óók zich vooraf zo flutterig voelden, nu hebben ze andere gedachten, andere illusies, maar zijn toch weer eventjes kind en neuriën, een glimlach om de lippen, de ogen in het verleden weg. En de moeders voelen dat ze oud worden: daar rondom de piano staan immers, rank en fris, de kinders die ze als baby's zagen liggen in de wagentjes, de jaren dat ze zelf hun kroost op het schoolplein wachtten.
En de kerstboom is nu aan. Elektrisch licht, och ja. Velen hebben er iets op tegen, vinden het 'onnatuurlijk', als waren kaarsjes na-tuurprodukten.. Het is en blijft toch de levende, groene, de altijd groene, levende boom, en het is toch om de levende Boom te doen.
Om de piano staan de kinderen en achter de piano staat een tweede groep, afzonderlijk. Schoongewassen gezichten, gladgestreken, zedige kapsels, zondagse jurken aan. Het zijn de ballingen...
De kinderen zijn er met hun ouders, broers en zusjes, vrienden, logés, alle kinderen vormen met alle ouders en broers en zusjes en logés en vrienden tezamen één aaneengesloten kring... de anderen zijn de ballingen, de anderen zijn de eenzamen. Hun tezamenbeho-ren is schijn. Nu ja, ze spreken dezelfde taal en dat nog niet eens, elk spreekt immers de tongval van haar streek. Elk uit een streek, ieder uit een ander dorp van dat immense land zijn ze naar ons dorp gekomen en daar staan ze nu, naast de kerstboom tezamengegroept: het pas opgerichte koor van Duitse meisjes.
De gedachte was aardig, de verwezenlijking alleen in een eigenaardige dorpsgemeenschap als de onze denkbaar, en de voorzitter
!66