DE KLAS VAN TWAALF
komen. Als alles weer in orde is, moeten we ze toch eens het een of ander pleziertje doen!”
Maar zo gemakkelijk als het leek ging het toch niet.... Eerst werd er een leeraarsvergadering gehouden en de directeur verlangde, dat Nel naar Jansen terug zou gaan, excuus vragen, en zich onvoorwaardelijk aan zijn bevelen onderwerpen. Weigerde ze dat, dan eiste hij niets meer of minder dan verwijdering van de school! Die klap in drift achtte hij de moeite niet waard, Nel was ten slotte niets meer dan een schoolmeisje van zestien jaar, al gaf ze zichzelf nog zulke volwassen en interessante airs.... „Wat ze niet doet....” had toen ineens mijnheer Blom zo langs-zijn-neus-weg gezegd! Dat was misschien nog om de oude herinnering van het „priëelcomité.”
Maar de hele vergadering had er van opgekeken. En mijnheer De Bie, de geschiedenisleeraar, die nooit veel zei, omdat hij wat moeilijk uit zijn woorden kwam, had zonder haperen gezegd:
„Ik ben het geheel eens met mijnheer Blom.”
En toen bleken zowaar de meesten op Nels hand! Mijnheer Adelink vertelde later, dat het wraakzuchtig drijven van de directeur de andere leeraren zo had geprikkeld, dat ze voor een ogenblik hun eigen grieven en griefjes tegen Nel vergaten. En mijnheer Adelink was ook nog eens teruggekomen op de voorgeschiedenis en had gezegd, dat het nog helemaal niet zo zeker was, dat de autoriteiten aan de kant van de directeur zouden staan. En was het behoorlijk te noemen, dat mijnheer de Zwart aan het schoolhoofd Jansen vooraf inlichtingen over Nel, zelfs over haar persoonlijk leven, had verstrekt? Ook stond het nog zéér te bezien, of de nieuwe districtsschoolopziener, die er toch aan te pas zou moeten komen, wanneer inderdaad van „verwijdering” sprake zou zijn, zo luchtig over die „klap in drift” zou denken. Mr. Pijnappel stond als tamelijk modern bekend. En waar nu de directeur zo de nadruk legde op de noodzakelijkheid om de tucht op school te hanhaven, daar moest hij toch inzien, dat het
122