dood deden brengen — een koning, die zijn schuldigen zoon of broeder niet spaart, indien men Abraham en Agamemnon en Jephta begrijpt — waarom dan Brutus niet — hij ook brengt een zwaar offer aan het algemeene belang, hij brengt zijn besten vriend ten offer.
Maar de zaak is deze, dat men dergelijke offers alleen begrijpt en toejuicht, als ze, desnoods zonder eenig beginsel of overtuiging, in dienst van het legitieme gezag worden gebracht. Ging men Abraham beoordeelen als Brutus, dan ware zijn offer immers een lage schanddaad. Daarom ook maakt men zulk een sentimenteel misbaar over het ,,bloedvergieten" van de Bolsjewisten (en vroeger van Robespierre, terwijl de ,,slachtoffers" van de Fransche Revolutie juist een veertigste deel bedroegen van de gevallenen in den slag bij Moskou 1) en pleit men eiken generaal, onder wiens ,,vaandel" tienduizenden sneuvelden, met liefde vrij op grond van zijn plicht. Als deed een Bolsjewistisch leider iets anders dan zijn plicht. Hoe goed begrijpt men verder den haat van den eenvoudigen soldaat tegen de ,,vijanden van zijn vaderland" en hoe goedmoedig verklaart men uit dat nobele sentiment de walglijkste oorlogsgruwelen — maar op den hatenden oproerling, die zich binnen de kunstmatige landsgrenzen aan de vijanden en verdrukkers van zijn lotgenooten koelt, plakt men het etiket met den naam ,,Kaïn of de Broedermoordenaar", omdat het collectieve belang de collectieve eensgezindheid vereischend, tot dit collectieve oogmerk het fabeltje heeft uitgevonden, dat lieden die uitsluitend op grond van steeds gewelddadig uitgevochten machtsvragen binnen dezelfde geografische grenzen besloten zitten, als schapen in een kooi, door dit proces tot „Broeders" geworden zijn. Niets dan de angst voor zelfopheffing in de opheffing der maatschappelijke distincties — rang en stand en aanzien en bezit — waaruit het „zelf" des maatschappelijken immers is opgebouwd, ligt op den bodem der edele verontwaardiging van hen, die zich noch om de gesneuvelden in den oorlog, noch om de onder lava begravenen van Messina, noch om de verdronkenen bij een bandjir op Java, noch om de aan pest stervenden in China — noch om de „slachtoffers" der Russische bolsjewisten, noch om die allen tezamen zooveel bekreunen als om den koers van hun effecten.
ij
255