moest het iets kunnen nazenden om het te achterhalen en bij je terug te brengen... en ze denkt aan haar eigen tovermiddel en dat er toch wel veel wonderlijke dingen zijn... en aan het water bij 'polder 7', zo anders, en zo ver al, en zo lang geleden. Stappen, stemmen in de achterkamer... nog meer visite! Maar die wel komen om Grootvader te feliciteren... Tante Essie met oom Bram. Ze brengen een geweldig grote, een reus van een eigengebakken mergbo-lus mee, en dat moet wel met de tantes hier zijn afgesproken, want tante Heintje komt dadelijk met een schotel en brengt hem warm en wel naar de keuken toe. Voor straks!
Met hun hoevelen zitten ze nu toch wel in de Sokkoh bij elkaar? Dat wordt een dringen om plaats, een schikken om de tafel, en schipperen met de stoelen... hindert niemendal, is juist gezellig, en eerder een mitswo, daar je het in de Sokkoh niet al te geriefelijk hebben mag. Vol lachen, vol gebabbel, vol warmte, vol geschuif en geschar van stoelen is het hier nu, tussen de vier groene wanden, die met kleurige bloemen bestoken en met rode ranken overhangen zijn, want ieder is opgestaan om de ander aan plaats te helpen, mijnheer De Beer met zijn vrouw wilden weggaan, maar Grootvader heeft het niet willen hebben, dus blijven ze nu nog, en tante Heintje komt met verse koffie en zet sigaren voor de heren neer. En zie nu hoe de zon de afhangende rode ranken doet fonkelen als wijn, als bloed, en tussen de openingen door, het witte kleed vol gouden pikkels strooit. Wat een heerlijkheid buiten,
107