In de schaduw

Titel
In de schaduw

Jaar
1907

Druk
1983

Overig
herdr 1983

Pagina's
167



borrels te verslaan, was er niets verkocht. De rood-zijden zakdoeken, elegant van plooi tussen bloemetjes en planten, en de jongenspakjes, stijf op houten staken, met petten bungelend aan de punt, dode poppen zonder kop of benen, stonden onaangeroerd in de schemerige winkelkast. Want ook de lampen hadden ze niet aangestoken. Die stonden klaar en blinkend opgepoetst op de tafel in het woonkamertje. Daar rondom zaten ze, stil van felle teleurstelling, de vader met z'n baard diep gegleden over de borst, in smartelijke hoofdbukking, moeder, 't uitge-magerd zorggezicht bleek onder zwarte bandeau. Be-weegloos rustten de handen in haar schoot. Maar Bram had woedend gescholden op 't rapalje; er uit gewild, ze te lijf. Straf, met gebiedend gebaar, had vader hem gezegd, binnen te blijven. Een jood vocht niet, mocht geen opspraak geven. Een Jood leed en verdroeg in stilte...

Ja, zo was 't altijd. Zij, Saartje, met haar fijne mondje en dun fladderjurkje, was wel een klein, kranig dingetje ook, dat wat graag de grote jongens met haar dappere, kleine vuisten had willen en durven slaan, als ze moeder scholden en beschimpten, haar nariepen, de enkele keren, dat ze zich vertoonde:

'Na, na, waar 's je negotie?'

Maar nu, geurige septembermiddag, stond ze, stilletjes, geleund tegen de grijzige, kale stam van een al bewerkte boom. Wat graag ze meedoen wilde in de leuke pret! Van 't prachtig speelgoed, lange, als meitooi frisse takken, kon ze haast niet afblijven. De andere kinderen vochten tierend dooreen. Hun gezichten gloeiden vochtig en rijp-rood en de pret flikker-danste in lustige ogen. De gemoedelijke ouwetjes van tuinlui met hun leuke, steenrode buitengezichten stonden kalmpjes toe te zien, glunderig-lachend hun pijpstompjes bemummelend. 't Werken hadden ze er maar aan gegeven en ze bliezen, toch wat killig voelend in hun losse vesten met blauw boezeroen, wat uit.

Vlak voor Saartjes voeten lag een mooie, versgesneden tak, vol bladeren en brede zijtakken, weeldige tropee, die de alvernielende overmoed van 't jolig kindervolk nog ontgaan was. Slimme oogjes met de goudflitsjes er in

133

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.