Izzudaar

Titel
Izzudaar

Jaar
1967

Pagina's
140



lepelde opeens een rozijn uit haar glaasje boerenjongens. En hij nam een forse slok bier, veegde met volle hand het schuim uit zijn jeugdige braniesnor, wipte op en slenterde naar haar toe. Toen hij voor haar stond keek zij op naar zijn eenmeternegentig en bloosde tot onder het hoge kraagje.

‘Muurbloem, kom op,’ beval hij.

Zij rees op, haar volle haarknoedel reikte tot onder zijn kin. Even keken haar hazelnootbruine ogen beduusd in de zijne, die zeemans-grijs waren en haar toevonkten.

Toen pakte hij haar onder de oksels, haar handen rustten op zijn schouders. Met grote passen danste hij rond. Zij kon het niet bijhouden en liet zich maar opnemen door de oersterke knuisten en rondzwieren, zoals zij als kind wel had gedaan met een touw rond een lantarenpaal.

Een tweede dans. Ook voor haar. Ook met hem. Toen begon hij te vragen.

‘Wat doe je, meissie.’

“’n Diensie in de Westerstraat.’

‘Goed volk?’

‘Best. Bij de echte ouwe rijkdom hebbie ’t goed. Die beulen nie af. En staan d’rop dat je naar de kerk gaat.’

‘Hoe heet je, dreumes?’

‘Annelies,’ fluisterde ze.

‘Mot je een glaassie, bruintje?’

‘Ik heb nog, da’s zonde.’

‘’n IJssie dan?'

‘As ’t ken lije,’ zei ze zacht.

‘’t Mot op, meid. Morrege gane we d’r weer uit. En aan cente op zee hebbie niks.’

‘Morrege d’r uit? ’t Is vliegend weer,’ ze zei het angstig. En ze keek angstig.

‘Kom nou, vliegend weer! Dat briessie?’

Zij zwierden voort. Stil. Hij sprak weer het eerst:

‘Hebbie een vrijer?’

‘Met mijn gezicht? Toe nou!'

131

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.