De Soete Bazinne

Titel
De Soete Bazinne

Jaar
1960

Pagina's
314



Een kikker sprong opeens omhoog uit het gras en zat voor de mannen. Staarde hen een moment onbeweeglijk aan. Hij sprong naar de voet van Jan Seghers, hapte ongelooflijk snel een zwarte tor naar binnen, sprong over de voet en was verdwenen.

„Douwe tor,” zei Manasse Gompertz.

Jan Seghers zweeg, de ogen gesloten, het hoofd wiegde zacht. Een appeltje viel uit de boom, tussen hen in op de bank, zoals dat gaat in juli met jonge appeltjes uit een volle boom. Het gaf een dof klapje, waarvan de stuurman even schrok. Hij nam het appeltje in de hand. ’t Was klein en ongelijk gegroeid, hard, de schil beschadigd door de val op de bank. Jan Seghers draaide het om en om, keek toen schichtig en vragend naar Manasse Gompertz.

„Douwe appeltje,” zei Manasse.

Jan Seghers streelde het appeltje. Keer na keer. Begon te huilen. Zijn schouders schokten hevig.

Geesje rees op van de grond, kwam naast hem, liet zijn bedroefde hoofd rusten op haar schouder en streelde hem voortdurend. „Waarom,” snikte hij, „waarom Douwe, de scheepsjongen, waarom Douwe vogeltje... Douwe tor... Douwe appeltje. Douwe... jong en onschuldig.”

Hulpeloos keek Geesje naar Manasse. Hij stond op. Een diepe ernst lag over zijn wezen. Bedachtzaam streek hij over zijn voorhoofd. Hij raakte even de schouder van Jan Seghers aan en zei:

„De Almachtige heeft je geantwoord, stuurman. Hij antwoordt altijd een mens, die gespannen Zijn antwoord wacht. Altijd is er antwoord, hoewel Gods rijk groot is en de mens slecht.”

„Ik heb Hem niet gehoord,” fluisterde Jan Seghers.

„Hij toonde je drie beelden uit de eeuwige omvorming. Leven, dood, leven. Hij toonde je, dat Douwe de scheepsjongen niet hoger stond dan het vogeltje, dat hij niet meer was dan de tor en het appeltje. Er is één aarde met mens en dier en vrucht, allen van gelijke waarde. Stof tot stof tot stof.”

„Er moet iets anders zijn,” fluisterde Jan Seghers, „dit was de waarheid niet... en ik kan niet meer denken.”

„Drie beelden. En dat ene woord... Shaddaï. Dat is het enige soelaas voor ons doelloos gewroet naar het geheim. Méér antwoord is er niet.

Nog even tuurde Manasse Gompertz naar de horizon. Naar het geweldig grootse van dit polderland. Toen keerde hij zich om en wandelde terug naar de boerderij.

260

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.