De Soete Bazinne

Titel
De Soete Bazinne

Jaar
1960

Pagina's
314



die hem wilde behandelen met aderlating en bloedzuigers en steeds sprak van het dolhuis.

Weer wisselden Reize en Genendel een blik. Dus dat was die goie... dat was dus géén temeije... hoewel!! Getrouwd zijn en lachen en lonken naar een jongeman?

Genendel boog het hoofd. Alles kwam weer voor haar geest. Isaï, spelend aan het venster voor die vrouw, zoals tante Reize haar verteld had. En Reize keek op haar vingernagels en dacht aan die middag toen zij gebruik gemaakt had van de situatie om Isaï met een stormloop van verwijten te overreden en te winnen voor Genendel. Die vrouw, die goie... Gods werktuig voor een shidoech. Mocht men onvriendelijk blijven tegen zo’n vrouw? Tegen zo een leed? Tegen een werktuig van Haqodaush boroech hoe?

Reize stond op, liep op haar toe en zei:

„Mijn man zal alles voor je doen. Wil je wat eten of drinken?”

Geesje schudde neen, maar Reize stoorde zich daar niet aan, schonk thee voor haar in en vulde een schoteltje met noten, vijgen en dadels. Toen dronk Geesje en at toch wat. En zienderogen knapte ze wat op en voelde de warme sfeer van dit joodse huis over zich komen.

Schichtig keek ze naar Genendel, die haar al geruime tijd had zitten aanstaren. Ook Genendel dacht mild over deze vrouw wier leed misschien veel en veel groter was dan het hare. Want Isaï was met één machtige vingerwijzing uit haar leven gewezen en voor deze blonde Hollandse had het Opperwezen een onbekend aantal jaren verdriet bestemd. Langzaam knikte Genendel en zei met haar welluidende stem:

„Mijn bruidegom is dood. U kende hem... hij heeft voor u gespeeld.”

Geschrokken rees Geesje op, de handen voor de borst gevouwen: „Here!”

„Ja... ik ben boos op u geweest. Of boos? Nee... jaloers. Dat gaat zo als men van iemand houdt, dan is men jaloers op het meest onschuldige.”

Geesje boog het hoofd. Klaar en duidelijk besefte zij wat deze vrouwen bewogen had. Dat zo’n onschuldige pret met een knappe jonge kerel voor een ander zo’n verdriet kon zijn. Vreemd.

„Mag ik nu gaan?” vroeg zij bedeesd.

Chajim Todelche opende de deur. Reize en Genendel reikten haar de hand en Genendel zei:

„Als ik u helpen kan? Ik weet, dat ziekte soms heel duur kan zijn.”

213

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.