De Soete Bazinne

Titel
De Soete Bazinne

Jaar
1960

Pagina's
314



meer. En alleen bij ziekte of in hoogste nood was er de bedeling van Aalmoezeniers of Huiszittenmeesters.

De jongsten huilden. Hun ogen glinsterden in een vloed van tranen, de wangen waren rood en nat, de mond half geopend. Sommigen keken schichtig naar de grond. Zij rilden van angst want waar moet een vrouw met een pasgeboren kind gaan werken. Hoe moet zij haar brood verdienen?

Simon de Bye daalde de wenteltrap af. Twee treden van de grond bleef hij staan, monsterde de vrouwen, die nu roerloos wachtten. Hij droeg geen kleurige kleding, maar sober zwart en wit. Ook geen langharige pruik, zijn grote zwarte vilthoed zakte diep over zijn kale hoofd. Hij kuchte even voordat hij hen toesprak.

„Vrouwen... het is niet anders dan u gelezen hebt op het bord van het Paalhuis. Het goede schip Smyrna, mijn Levantvaarder, is verloren. De Engelsen hebben hem onderschept en in de grond geschoten. Slechts één man is levend aangebracht in Rotterdam, levend... meer niet. Wie het is weet ik niet, hij is niet in staat om te spreken. De identiteit van het schip is opgemaakt uit opgeviste balen koopwaar met mijn handelsmerk. Zo dadelijk zal mijn klerk u de gages uitbetalen, daarna... meer kan ik niet doen, ik heb zelf een zwaar verlies geleden en de ondergang grijnst mij aan.”

„Een woord, reder!”

Geschrokken keken de vrouwen naar Geesje Seghers, de rijzige stuurmansvrouw, die zich heftig naar voren drong.

„Wat wil joffer Seghers?” vroeg Simon de Bye, opeens weer de hoogmoedige reder.

„Men vertelt in Amsterdam, dat u verzekerd was. Dat het daarom niet nodig is ons af te schepen met de laatste gage. Ik spreek niet voor mij, maar voor de ouden en de boorlingen.”

„Het is waar, dat ik verzekerd was, joffer Seghers. Maar de Engelsman, die mij betalen moet, zit gevangen in de Boeijen. Wel nu?” „Dat ontslaat hem toch niet van de plicht u te betalen, reder?”

„Pluk veren van een kikker, joffer, ’t Oude koopmanshuis Simon de Bye is failliet.”

De vrouwen bogen het hoofd. Het gesnik was algemeen, geen had hoop, dat die ene geredde haar man zou zijn, geen had verwachting dat meer zou worden betaald dan de laatste gage. Simon de Bye besteeg de wenteltrap. En de vrouwen wachtten geduldig op de klerk. Als een troep bijeengedreven vee.

199

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.