De Soete Bazinne

Titel
De Soete Bazinne

Jaar
1960

Pagina's
314



„Wat heb ik misdaan, tante Reize? Of heeft oom Chajim iets volgens zijn eigen inzicht afgehandeld?” vroeg hij plagend.

„Laat je oom Chajim met rust... de geschiewes, maar jij, Isaï, jij...

bent een afvallige!”

„Ik?”

„Jij. Ik heb je wel gehoord... had ik je alleen maar gehoord... gehuild heb ik om je muziek, zowaar ik leef, gehuild heb ik om die melodie. Maar ik heb je ook gezien! Ja... óók gezien in dat ponem van die goie... als in een spiegel heb ik gekeken. Dat dacht je niet, hè... maar tante Reize zat een verdieping lager. Alsof ik in de schouwburg zat, zo heb ik je gezien op het gezicht van die vrouw! Hoe schaamt men zich niet!! Speelt daar aan het open raam voor een getrouwde goie, en dat zou men nog kunnen vergoelijken, maar die temeije, die zoent je door de lucht...oi... oi... en haar man op zee... en dat zoent zomaar door de lucht naar een knappe jehoede! En jij?”

„Tante, tante,” Isaï kreeg tranen in de ogen van het lachen, „u maakt er een liefdesdrama van... nebbisj ik!”

„Nebbisj jij ? Wat is er nebbisj aan je? Ben je niet groot en slank? En jong... en donker met prachtig haar... en zijn je ogen niet... ach weet ik veel... en dat noemt zich nebbisj! Gott oh Gott, erbarm U over mijn Isaï.”

Hij stond op, liep op haar toe, legde zijn arm om haar schouder en drukte haar tegen zich aan:

„Ga weg!... Ga weg boeleerder... komt zo van een sjiqze! ”

„Toe nou, tantetje. Ik smeek u om vergiffenis. Moet ik op mijn knieën?” „Adaushem, zwijg stil. Een jehoede op zijn knieën! Ken je de wet niet meer, Isaï! ” riep zij opgewonden.

„Nou ja, tante Reize, bij wijze van spreken,” zei hij wat benauwd. „Daar begint het altijd mee. Met spreken... en nog eens spreken, nog eens sjmoezen en dan worden Thora en Talmoed weggesjmoesd! Pas op, Isaï, je bent op het hellende vlak. Ik zal Sjabbes voor je bidden... Gott oh Gott... die arme Genendel!”

„Wat heeft Genendel hier mee te maken, tante Reize?” riep hij wat geërgerd.

„Haar hart breekt als zij het hoort! ”

„Tante Reize, u maakt iets! U roept iets te voorschijn uit het niets. En is Genendel mijn bruid?” riep hij, nu boos.

„Ik maak niets! Wou je soms ontkennen, dat je met die goie hebt geboeleerd? En dat Genendel nog niet je bruid is... schande!!”

133

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.