'Nu,* zegt Isaac, wanneer ze weer buiten zijn en langzaam het barakkenstadje verlaten. ‘Wij hebben weer een probleem meer in ons leven gekregen. Een wonderrabbi, die het kwaad ook van Goddelijke oorsprong verklaart en heel consequent mededeelt, dat het Opperwezen de gevolgen van Zijn schepping nooit bestraft.’
‘Het is heel goed mogelijk,’ antwoordt Anatole diep in gedachten. ‘Verklaar mij dat eens, Anatole, ik begrijp het niet.’
‘Dat is het juist, Isaac. Ik voel voor zijn redenering, maar duidelijk uitleggen kan ik het niet. Ik geloof, dat ik eerst nog eens te rade ga bij mijn rabbijn, de man van het goede leven. Misschien kan hij mij de verklaring geven.’
‘Wij zullen ons dan moeten haasten, want het transport vertrekt overmorgen,’ merkt Isaac op.
‘Voor heden hebben wij genoeg, Isaac. Laten wij morgen gaan en nu de dag besluiten met hedenavond een bezoek van jou bij Madeleine en mij. Zij zal ons zeker weer in het rechte dagelijkse spoor praten.’
Isaac slaat de uitnodiging af; hij heeft plotseling lust om alleen te zijn, thuis op zijn plaats bij het venster aan de Maas en daar zijn gedachten te laten gaan.
De vrienden nemen vrij spoedig afscheid en spreken af, elkander de volgende morgen weer te ontmoeten bij het Oude Hoofd voor de morgenkoffie en daarna de rabbijn van Anatole ook eens op te zoeken.
Wanneer Isaac thuiskomt beukt het leven met harde slag op hem. Hij vindt een radeloze, behuilde Jannetje; een versufte keukenmeid en twee muisstille ontdane dienstboden. Jannetje Iaat hem niet veel tijd tot vragen stellen, want het barst bij haar los: ‘Eli is weg.’
‘Eli is weg?’ vraagt Isaac. ‘Eli is weg?’ Tamelijk ruw grijpt Isaac Jannétje bij de schouder. ‘Wat zeg je Jannetje. Eli is weg, waarheen?’
Jannetje begint weer te huilen en kan geen woord uitbrengen. ‘Toe Jannetje, vlug, wat is er gebeurd?’ dringt Isaac, met een door spanning versteend gezicht.
Dan komt hortend en stotend het verhaal, dat Eli niet is thuis gekomen om koffie te drinken en dat enige bedremmelde vriendjes zijn komen vertellen, dat zij samen met hem waren
94