Isaäc de Fuentes

Titel
Isaäc de Fuentes

Jaar
1952

Pagina's
324



beter de straf voor een misstap te kennen. Het zal Uw zielerust ten goede komen.’

‘Mijn leven is ten einde, dokter.’

‘Inderdaad, het leven dat U toegedacht was, is ten einde. Een ander vangt aan met een zware taak, zonder vreugde in herbegin. Laten wij hopen met berusting en vrede in een later stackum.’ Treesje staat op. Moeizaam trekt zij haar handschoenen aan, huiverend doet zij haar mantel dicht, wacht minutenlang.

‘Dag, dokter,’ zegt zij eindelijk.

De oude man verspert haar de weg naar de deur. Nog even vecht de strenge Hugenotenzoon met zijn levensopvatting, voordat hij met de rechterhand haar kinnetje naar zijn gezicht opheft. Nog kijken de ogen streng want zij kunnen niet anders. Maar de stem is anders:

‘Mijn'kind, mijn kind. Hoe kon je dat doen, hoe dacht je toch?’ Treesje slaat de handen voor de ogen en fluistert:

‘Dokter, ik wilde dat ik U alles zeggen kon, alles. Het was geen liefde of hartstocht. Mijn God, dokter, U zult het niet kunnen begrijpen, zo vreemd is het en ik kan het U niet uitleggen. Was er maar iemand wie ik het vertellen kon.’

‘Mijn kind, wanneer ik je zo hoor, is er dan wel iemand die het zal begrijpen? Praat eens met je tante.’

‘Ik durf niet.’

‘Daar moet je overheen, mijn kind. De schroom moet weg. Wanneer je uitgepraat hebt, zal alles veel lichter schijnen.’ Treesje antwoordt niet. Dokter de Blécourt iaat de weg naar de deur vrij. Met gebogen hoofd gaat Treesje langs hem heen, hoort zijn bezorgd:

‘Geen dwaasheden, mevrouwtje. Volgende week verwacht ik U weer hier.’

Zij stapte werktuiglijk voort in die grauwe Februaridag; huiverig en teugelloos. Zo doolde zij maar wat, door winkelstraten, langs binnenhavens. Totdat zij aan de Maas stond. En zij staarde naar het grauwe, schuimkoppende water, de bron van haar brood en haar dak, op hetzelfde uur dat haar man vluchtte achter de stoere, vechtlustige en betrouwbare Geen van der Toom.

Toen, na twee dagen, Treesje de Fuentes nog niet in haar woning was teruggekeerd ging de radeloze Eli naar het huis op de Leuve-haven. Naar tante Jannetje, bij wie hij in geen tijden was geweest.

286

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.