Isaäc de Fuentes

Titel
Isaäc de Fuentes

Jaar
1952

Pagina's
324



‘Zou ik in zonde mogen leven en gelukkig zijn?’

Rebecca glimlacht bitter.

‘Sta op, meisje.’

Rebecca’s linkerhand frommelt nerveus in haar hals, bij de keel. Haast hulpeloos kijkt zij over Trees je heen.

‘Je vraagt mijn ziel. En... ik geef hem jou... aan het einde van mijn leven... uit bitterheid, uit wraak... en uit miskenning. Uit liefde voor het jong verwachtende leven. .. in strijd met.. . ’ Trees je slaat de handen voor de ogen.

‘Zwijg, mevrouw, zwijg. Ik wil dat offer niet, dat strijd met. .. met... ’

Rebecca heft nogmaals het hoofd op naar de spitsboog der boomkruinen.

‘Ja, Treesje, dat strijdt met God. Nog eenmaal wil ik strijden met God, alle keren heb ik verloren. Jozef, Susanne, David, mijn eigen twintigjarige levensblijheid, mijn eigen jonge liefde voor Ezra Ladino, die de dood heeft gezocht en gevonden bij Water-loo. Nog eenmaal... voor jou... en voor mij.’

Zonder nog een woord liepen beiden tot het rijtuig bij de tolpaal. ‘Luister, mijn kind. Zijn brieven zijn veilig bij mij. Jouw brieven zullen hem bereiken door mij.’

Moeizaam bestijgt Rebecca haar rijtuig. Dodelijk beangst staart Treesje de wegrollende koets na, één hand aarzelend rustend op de tolboom.

Zoals hij nu reeds maanden gewend is te doen, gaat Geert van der Toorn voor zijn Zondagavonddiner naar Jannetje Batelaan. Hij heeft als gebruikelijk zijn zwart laken pak aangedaan; zijn linnengoed is smetteloos, zijn hoge hoed glimt. Hij loopt langzaam in deze reeds koele herfstdag, soms nerveus met de schouders trekkend, want hij is zijn lange geklede jas niet gewend. Opzettelijk rekt hij zijn wandeling om het voorgenot van het verlangen naar deze Zondagavond zo lang mogelijk te genieten. Wat een verandering in zijn leven. Altijd een overvloedige en goede maaltijd, een frisse, mooie statige dame als gastvrouw, vrolijke jonge mensen en dikwijls ontwikkelde medegasten, die praten over dingen, waarvan hij nooit hoorde, doch die hem machtig interesseren. Steeds weer voelt hij het, gemis van heel zijn leven, dat hij doorbracht tussen bootwerkers en matrozen, tussen schepen en pakhuizen, tussen lading en tuigage. Hij wil

272

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.