Isaäc de Fuentes

Titel
Isaäc de Fuentes

Jaar
1952

Pagina's
324



Bennie keert het hoofd naar Jannetje en de verpleger.

‘Wat sta je te schmoezen? Je lijkt wel een meid van de Dijk. Ga naar Salomon, die leit met typhus, gaat hem verschone. Nebbisj die jongen. Ach, mijn Salomon.. . mot je dan zo lije, jonge. Toe nou Jannetje, toe nou.. . leg nou een natte doek op z’n hoofd. Ach, God, oh God, waarom mot ie nou sterve.’

De verpleger gaat naar zijn bed.

‘Stil, stilwat, Alter. Ga nu slapen. Je maakt iedereen op de zaal overstuur.’

‘Ga weg... rot Kees, mot je mijn ook nog hebbe. Is Nathan niet genog. Waar is Nathan?’

‘Stil maar,’ zegt Jannetje zacht, ‘Nathan komt direct beneden.’ ‘Gijn, gijn, heb ie, meissie. Nathan komt beneje, uit de Hemel van God komt ie naar beneje. Van Smolensk naar beneje. Gijn heb ie. Zeg tege cm, dat ie Napoleon rot slaat, Jannetje.. . zeg hem dat ie niet mee mot gaan voor z’n nummer. Judith, ik bezweer je, laat hem niet gaan... hij komp niet weerom. Nathan... doe je bloed weg... doe je bloed weg. .. Here, Here, hoor mij toch, neem mij toch bij U. . . Ik ben zo alleen.’

De tranen stromen Bennie over de wangen, hij snikt als een kind. Jannetje is weer gaan zitten. Ontzet. De verpleger staat aan het voeteneind van Bennies bed. Enige minuten is het stil, dan opent hij de ogen en zegt heel rustig:

‘Bent U daar, juffrouw Batelaan?’

De verpleger knikt Jannetje bemoedigend toe en verwijdert zich. ‘Ik ben er, mijnheer Alter.’

‘Dank, juffrouw Batelaan. Ik wilde U goeie dag zegge voor ik naar het Opperwezen ga.’

‘Kom, kom, Bennie, je zult nog jaren leven.’

‘Heel vriendelijk van U, juffrouw Batelaan. Maar met vijf en negentig jaren heeft men geen illusies meer. Ik heb gevraagd om nou te komme, omdat ik nog niet vies ben om aan te zien. Ik ben niet ziek en lig nog niet weg te rotte.’

Jannetje zwijgt, er zijn nu tranen in haar ogen.

‘Malle meid, waarom huile om een oud man die sterven gaat? Ben ik iets bijzonders? Wel nee, ik ben nommer zoveel, een nommer met een onnoemelijk aantal cijfers, dat antreje mot voor z’n beurt. En ik ben blij, ik heb veel geleje.’

‘Dat weet ik, Bennie.’

‘U weet niks, juffrouw Batelaan. U weet niks van mijn vijf en

261
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.