Isaäc de Fuentes

Titel
Isaäc de Fuentes

Jaar
1952

Pagina's
324



Haast al zijn lievelingskostjes heeft zij voor het bezoek gereedgemaakt. Het huis is doortrokken van heerlijke geuren. Allereerst verwent Jannetje hem bij zijn komst met koffie en heerlijke, goudkleurig omkorste en met krenten en rozijnen gevulde boterkoek. Ook bij Rebecca wordt deze lekkernij Vrijdagavond geserveerd, maar zij mist daar, hoewel correct gemaakt, de uitbundige overvloed die Jannetje in tijden van vreugde in al haar gerechten weet te leggen.

Na de koffie laat zij hem haar kind zien, een kleine Bas Batelaan, eenzelfde wilskrachtig en rechtschapen gezicht, een beangstigende gelijkenis. Jannetje is vol trots hoewel een schaduw over haar gezicht trekt als Eli ook tegen haar jongen zo vormelijk en stijfjes blijft. Maar ze troost zich met de gedachte dat jongens op deze leeftijd meestal niet zo uitbundig zijn tegen kleine kinderen. Dan dekt de dienstbode de tafel. Het is of Eli weer terug is in het huis op het Haringvliet. Dezelfde nauwgezette organisatie, dezelfde museumachtige en toch gezellige sfeer, dezelfde feilloze bediening. Na het zeer overvloedige diner leunt Eli verzadigd tegen zijn stoelleuning, haast smekend naar Jannetje kijkend om nu toch eens op te houden. Jannetje lacht, ze heeft een rood hoofd van plezier en van het vele eten.

‘Het fruit eten we dan maar straks, na de thee.’

Eli knikt glimlachend en verheugd.

‘Bedankt voor het eten,’ zegt hij hoffelijk bij het opstaan.

‘Bij je Jannetje bedank je niet, Eli, het is vanzelfsprekend dat je hier eet zoveel en zo dikwijls als je wilt. Later als je groot bent en een eigen huisgezin hebt dan komt tante Jannetje ook bij jou de boel opeten en dan vind jij het ook vanzelfsprekend en prettig.’ Eli knikt en beiden zetten zich aan het venster en kijken op de drukke Leuvehaven waarover de schemer begint te vallen. ‘Heb je het naar je zin bij mevrouw Davidson?’ vraagt Jannetje. Eli zwijgt en blijft naar buiten kijken.

‘Toe, vertel eens, scheelt er iets aan, is men niet aardig tegen je?’ ‘Nee,’ haast Eli zich te antwoorden, ‘men is uiterst correct en goed voor mij.’

‘Dat is niet genoeg. Is men hartelijk voor je?’

‘Zeker, alleen, misschien voel ik verkeerd en doe ik mevrouw onrecht aan. Maar zie je, Jannetje, ik voel me dikwijls zo alleen en dan verlang ik naar vader en...’

Eli zwijgt.

182

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.