doch Isaac weigert, want hij heeft zich voorgenomen veel meer thuis te zijn ter wille van Eli en omdat dit voornemen nog jong is, kan het met vastberadenheid worden uitgevoerd.
De Fuentes nodigt nu echter op zijn beurt zijn vriend uit om hem eens op een avond te komen bezoeken met zijn beschermeling, welke uitnodiging Daumer met graagte aanvaardt.
Het duurt enige maanden aleer het bezoek plaats vindt. Het is reeds herfst geworden, als Isaac een kruier met een herinneringsbriefje voor deze uitnodiging naar het huis van de consul stuurt. Het zijn veelbewogen maanden geweest voor de Fuentes. Allereerst heeft Piet van Sliedrecht met kracht en voortvarendheid de verdere omzetting van het bedrijf in zeil - op stoomvaart ter hand genomen en zijn compagnon moeten verzoeken enige reisjes naar de scheepsbouwers in Engeland te ondernemen, om deze tot spoed aan te manen.
Isaac heeft zich van deze plicht getrouw, doch zonder enthousiasme gekweten, hij houdt niet van zeereizen en tijdens de dan immer aanwezige zeeziekte stelt hij zich voortdurend de vraag waarom hij toch een beroep heeft gekozen dat met de zee in verband staat en waarom hij niet op andere manier zijn brood kan verdienen.
Ook heeft hij een reis naar Le Havre gemaakt. De oude reder, Esters vader, was gestorven en de gehele nalatenschap is aan Eli gekomen. Het is een groot vermogen, veel meer dan vermoed werd. De oude heer had zich steeds arrner voorgedaan dan hij was en daardoor rustig en onbezorgd kunnen leven. De Fuentes heeft dit vermogen opnieuw moeten beleggen.
Hij wilde het doen in de rederij van Piet van Sliedrecht. Doch deze weigerde tamelijk bot. Hij had geld genoeg in de zaak en wilde er graag de baas in blijven.
Isaac heeft nu solide staatsfondsen gekocht en een klein gedeelte in de lakenhandel van Jacob Davidson gestoken. Nog steeds worstelde de kerkvoogd met financiële moeilijkheden.
Jacob was weer halsstarrig en smulde in zijn opkomende godsdienstwaanzin van de kastijdingen, die, naar hij meende, de Schepper hem toediende. Rebecca, die een vage, schuchtere twijfel aan de hemelse rechtvaardigheid heeft gekregen, handelde energiek voor hem en aanvaardde me: graagte deze deelneming, die hun maatschappelijke positie nagenoeg zou herstellen.
109