‘Gij gaat mij nu uitnodigen om enige dagen Uw gast te zijn, en ik wil honderd gulden van U lenen, welke ik U wel nooit zal terugbetalen.’
Anatole is in de lach geschoten en heeft de Rus vormelijk uitgenodigd zijn gast te zijn en hem vreemd genoeg veertig zilveren rijksdaalders geleend. Hij heeft geen spijt gehad van zijn uitnodiging, want de rabbijn heeft zich ontpopt als een weliswaar sluwe, maar ontwikkelde man, die zeer belezen is en een heldere kijk op de structuur van deze wereld schijnt te bezitten. Madeleine heeft, eerst mokkend, de vreemde en vuile gast zijn kamer gewezen en toen de arme Anatole een uur lang ononderbroken haar mening gezegd over zijn dwaze invallen Zij is deze monoloog begonnen met de rabbijn, maar na vijf minuten was zij bij Isaac de Fuentes en bij al de vrienden van haar man en zijn familie terechtgekomen.
Anatole heeft het zwijgend aangehoord; ineengedoken in zijn stoel gezeten, zijn houding voor zulke strafgerichten. Hij weet, dat wanneer zijn familie de revue gaat passeren, ook het einde nadert. Met zijn achterneef en diens amourettes eindigt Madeleine even plotseling als zij begonnen is, niet vermoeid, maar bevredigd. Anatole staat niet op, hij blijft in zijn speciale houding, want hij weet uit jarenlange ervaring wat komen gaat. Madeleine kijkt hem dan plotseling aan, schijnt hem weer te herkennen als haar man, de eeuwige grote jongen. Ze pleegt dan op te staan, hem over zijn haar te strijken en zijn uitgedoofde sigaar aan te steken. Zij geeft hem dan ook iets te drinken naar de tijd van de dag, zoent hem heftig en Anatole zal verder op een zijner lievelingskostjes kunnen rekenen.
En zo is het ook nu weer gegaan. De speciale schotel bestond uit gebraden poularde, waarvan de Rus er één geheel heeft opgegeten, waarna hij dromerig en melancholiek naar zijn gastvrouw heeft gekeken. Dat er vrouwen met zulk een kookkunst bestaan, is voor hem een openbaring en toont hem een groot gemis in zijn leven.
Madeleine, de praatgrage, is ook goede vrienden met de rabbijn geworden. Hij heeft de aanvankelijk slechte indruk direct al weten weg te werken door gewassen en met verzorgde baard aan de eerste dis te verschijnen. Ook heeft hij een schoon Russisch overhemd aangetrokken, zijn laarzen opgewreven, en zo heeft hij zijn gastvrouw alle eer trachten te bewijzen. Bovendien
106