De laatste Levano

Titel
De laatste Levano

Jaar
1963

Pagina's
290



men leven zonder innerlijke vrede en rust? Ik tuurde en tuurde en kon niet antwoorden.

Ik zag een jonge kat tussen de struiken. Twee buur-jongens waren mijn tuin binnengelopen om het dier te achtervolgen. En opeens zag ik mijzelf weer, even oud als die jongens, ook jagend achter een wit angstig poesje. En oma Judith verscheen op het terrasje als een godin der wrake, die mij toeriep:

״Gideon, laat dat beest met rust. Wil je later in het Gehenna komen?”

Oma Judiths woorden zijn waarheid geworden. Ik ben in het Ge-Hinnom gekomen. In de hel. Op de folter-plaats. En ik herhaalde fluisterend voor mezelf oma’s woord: Gehenna.

״Keer je om, Gideon!!” Reina had geroepen, angstig, huiveringwekkend angstig. Een eenzame, bange kinder-stem in een leeg donker huis.

Ik keerde mij niet om.

״Wanneer?”

Het klonk zo alwetend, heel mijn innerlijk lag voor haar open.

״De avond van mijn huwelijk. Toen ik beschermend mijn arm om Channah’s schouder legde, voelde ik haar trillen. Toen stonden wij met zijn drieën, Channah, Joab en ik. Zo leidde Joab mij binnen in het Ge-Hin-nom.”

״Laat mij naar een armenhuis brengen, Gideon. Je zult bevrijd worden van Joab door mijn dood.”

Door deze woorden rende ik terug door de jaren. Zag moeder op haar bed in het armenhuis. Wat ik voor moeder had verzuimd te doen, zou ik voor Reina Da Fonseca doen. Schuld en boete.

285

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.