De laatste Levano

Titel
De laatste Levano

Jaar
1963

Pagina's
290



sjaaltje, de kale mantel anno X. De onrechtvaardigheid van dit verschil overviel mij.

Reina Da Fonseca keerde zich weer naar de deur. Deed één stap naar het beest Cadillac. Toen zei ze, na een zucht:

״Ik kan niet. Oh God, Gideon, ik kan niet.”

Het drong onmiddellijk tot mij door. Zij kon niet terug naar de ellende, naar de demon, haar huisje in de vuile buurt, naar Joab de waanzinnige. Een zwaar ge-voel van schuld besprong mij. Een nieuwe gewaar-wording. Nerveus sloot ik de deur.

״Ik begrijp het, Reina, maak je geen zorgen. Je blijft hier zo lang je wilt, zo lang totdat ik voor jullie heb gezorgd.”

״Jullie?” vroeg ze. Ze huilde nu zachtjes.

״Jullie. Ik heb Joab niets te verwijten. Man noch vrouw kan de natuur iets verwijten. Die is het instru-mentarium van het Opperwezen.”

״Wat heb ik gedaan? ”snikte zij weer.

״Je deed niets. Er werd iets gedaan. De pion Reina werd verschoven.”

Ik legde mijn arm rond haar schouders en leidde haar terug naar de zitkamer. Zij nam plaats, huilend, klein en verloren in een bergère.

Inge kwam. Zij was zelfs niet verwonderd, toen ik haar vertelde, dat mevrouw Da Fonseca zou blijven logeren. Ik had in haar ogen het stadium van bizarre pa-troon bereikt, in staat tot de meest dwaze dingen. Maar hij was schatrijk, dat verzoette veel. Zij nodigde Reina uit haar te volgen naar de logeerkamer. Mevrouw zou wel moe zijn, natuurlijk is mevrouw moe, want me-vrouw is niet meer zo jong, hè. Ja mevrouw, zo gaat dat,

120

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.