Banvloek

Titel
Banvloek

Jaar
1965

Pagina's
298



slokje Bourgonje bij de hand om me zelf te overtuigen dat ik me niet heb vergist? Dat men voor deze gal geschapen moet zij n?’

‘Ja, Gabriël, ik dacht wel dat deze alsem je smaak niet was. Daarom heb ik nog een slokje Bourgonje voor je bewaard. In die credenz. De Venetiaanse glazen staan erbij.’

Gabriël rilde nog even na, met goed gespeelde tegenzin. En in een ommezien schonk hij de glazen vol en zij dronken elkander toe, minzaam glimlachend. Want zij kenden elkander, bij tijden speelse kwajongens.

Zij dronken door. Gabriël vertelde van belevenissen tijdens de reis en Josua Mocatta voelde na lange tijd dat de vreugde in hem nog niet gestorven was. Toen werd hij ernstig.

‘Gabriël, waarom heb je me gezocht?’

‘Senhor, het stiefmoederhart kent vrees en telt geen levens, zelfs het mijne niet. Het wil rustig kloppen.’

Mocatta glimlachte.

‘Dat kan weer rustig kloppen, Gabriël. Het mijne ook.’

Baëna luisterde opeens scherp, zei vragend en vrolijk één woord:

‘Oi?’

Josua Mocatta stond op. Ging voor de schouw staan, vatte de koperen handgrepen van de eiken rand, staarde in het kleine blokkenvuur. Gabriël Baëna beschouwde de krachtige slanke rug van zijn broodheer. Wachtte op diens antwoord.

‘Gabriël, ik heb misschien de grootste fout van mijn leven gemaakt. Ik heb mijn zoon Ido volgens de joodse wet getekend en zo opgenomen in het verbond met de Almachtige. Daarmee heb ik de moeder verspeeld. Tenzij...’

267

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.