Banvloek

Titel
Banvloek

Jaar
1965

Pagina's
298



‘Nee, nooit. Met mijn zoon. Hij is mijn leven. Ieder kind is het leven van een vrouw. Nummer één, vóór de man, de verwekker.’

Hij ademde diep, bevrijdend.

‘Wat is er gebeurd, Geerte?’

‘Niets. Een paar woorden tussen de maerte en mij. ’

‘Waarover?’

‘Ido. Door jou getekend voor heel zijn leven. Door jou gedoemd om bevreesd te zijn tot zijn dood. En ik? Voor mij een nog grotere angst, mijn geluk is vervlogen.’

Hij nam haar hand, zat neer in haar stoel, trok haar op zijn schoot.

Zij duwde zijn kin op, zodat hij haar in de ogen moest kijken. Treurig vroeg ze:

‘Waarom Josua? Ik begreep het toen niet en ik hield te veel van je. Had ik toen maar beseft wat er in die zijkamer met mijn Ido gebeurde. Wat die mannen daar deden met mijn zoon. Besnijdenis! Voor mij een onbegrijpelijke wet. Een wet van wilden! 1’

Zij sprong op van zijn schoot, liep doelloos door de kamer, huilde, gierend. Schouderschokkend stond zij in een hoek, toen hij haar verliet nadat zij geroepen had:

‘Ga weg. Ik kan je vandaag niet velen.’

Langzaam verliet hij het huis. Dacht aan de woorden van moeder Genendel. Goi, chérem.

Dacht aan de zin van Geertes woorden.

Jood, chérem.

Acht dagen verstreken. Niemand wist waar hij was. Moeder Genendel doolde rusteloos door het grote huis, de schrijfkamers, soms langs de kaden waar de koggen van het huis waren gemeerd.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.