Banvloek

Titel
Banvloek

Jaar
1965

Pagina's
298



‘Rijden, Geerte!’ beval hij opnieuw.

‘Nee, ik volg mijn lot.’

Zij keken elkander aan. Lang. Ze vocht met haar tranen. Hij zag het en zuchtte diep. Toen, verward geraakt in zijn gevoelens, sprong hij van zijn paard. Wat zij verwachtte, gebeurde niet. Hij bond de teugels van het rijpaard achter aan de wagen, nam plaats voorin. Een rukje aan de teugels, de wagen reed. Wat verbijsterd, daarna diepbedroefd, keken de groengrijze ogen de wagen na. Toen ... zij greep haar rokken, ze rende als een geboren hardloopster, de borst ontspannen, met diepe ademteugen. Ze was naast de wagen, keek opzij. Hij zag haar gezicht, doornat van tranen.

‘Ho, beest.’ De wagen stond. Eén sprong, zij zat naast hem. Weer keken zij elkander aan. Hij glimlachte, het geen haar nog verslagener en weker maakte. Hij vroeg:

‘En, Geerte?’

Zij keek op haar handen, hijgde nog wat na, zegde zacht:

‘Ik kan mijn lot ook in Antwerpen volgen.’

Hij gaf haar de teugels, wipte van de wagen, maakte zijn rijpaard los. Besteeg het, uiterlijk weer zonder inspanning, maar hij beet zich op de lippen. De pijnen waren gebleven. Hij beduidde haar te gaan rijden, maar zij sprong nu ook van de wagen ,riep:

‘Mijn mand, mijn spullen.’

Hij knikte, hi j zou wachten.

Na korte tijd reden zij.

En de boer zei tegen zijn vrouw:

‘Dat gaat hem geld kosten.’

En de boerin antwoordde:

‘Kerels-bah!’

204

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.