een gevreesde politieman was geworden. Maar hij hoorde ook Levies angst voor de wraak van de Zandstraat als zij hem zouden herkennen. Abraham lachte daarom, zij waren te oud en te lui geworden om zich op te winden tot een bloedwraak. Maar toen hij was vertrokken om afscheid te nemen van zijn moeder, liep Abraham naar mijnheer de commissaris en vroeg bescherming voor Levie Rosenfeld. De oude commissaris plukte nadenkend aan zijn bakkebaarden en ging zijn herinnering na of er soms nog een rekening was voor Levie. Maar Abrahams vertellen van de reclassering maakte hem mild. En daarbij, Abraham was zijn vriend, waarom, dat wist hij nog steeds niet.
„Wees gerust, Brammie. Hij zal worden bewaakt als een zuigeling. Wat heb ik aan de narigheid om in de Leuvehaven te moeten laten dreggen naar het lijk van Levie Rosenfeld?”
Toen rookten zij hun sigaren en de commissaris bracht zijn vriend naar huis. Want hij wilde tevens wat kopen voor de koperen bruiloft van zijn dochter.
Levie vroeg zijn moeder nogmaals om met hem mee te gaan naar Engeland, weg van de kleinsteedse sfeer van Rotterdam. In de buurt van Londen moest zij dan een mooi buitenhuisje kopen en hij zou bij haar komen inwonen. Misschien zou hij nog trouwen, dan was er een jonge vrouw en later kinderen die vrolijkheid zouden brengen. Zij schudde haar dikke hoofd, het leek wat treurig met de gesloten ogen.
„Levie, me zoon, God zij geloofd dat je wa geworre ben, daarvoor ken je Brammie nie dankbaar genog weze. Maar omdat jij blij ben da je hiero weg ben, is je moeder dat ook maar niet zo een, twee, drie. Wat heb ik an dat Engeland? Geen mens die me verstaat, geen mens waarmee ik ken sjmoeze, geen boek da’k d’r ken leze. Mot ik iedere week boeke van hiero naar daaro late sture? Levie, wees gebensht en blijf gezond, maar laat me met rust. De keuken is m’n wereld. Als je strakkies weg ben, leef ik weer met de adel en de rijke kooplui ... of met het falderappes. Hier ben ik Sheintje Rosenfeld .. . rijke Sheintje.
229