STILLE UREN. 137
hij staan, terug-ziende naar haar liggen. En weerkomend, kuste hij voor het laatst de plek waar zij sliep. En hij ging heen voor goed.
In de omwevende stilte van den aflevenden dag bleef zij voor altijd alleen, zacht-gedekt onder de sneeuwing der blank-geurende bloemen, die de meiboom over haar spreidde in het week-gouden avondlicht.
Juni 1904.