duurder dan een paar herenzolen en hakken. Snap je dat nou? Zeelui doen het, die hebben een heleboel geld, en dat hoort erbij als je vaart.'
Nog altijd reageert Maurits niet op mijn woorden. Zal ik hem vertellen dat je er heel erg ziek van kan worden?
Terwijl ik het vertel hoor ik de ademhaling van Maurits sneller worden. Zijn gezicht verstrakt.
'Wat is er met jou aan de hand ?' vraag ik verbaasd.
'Smeerlap', roept hij ineens, 'vuile smeerlap dat je bent.'
Driftig grijpt hij me beet. En dat terwijl ik helemaal niet wilde knokken.
145