Meer zei ik niet. Nu vooral geen scherpe discussie, hadden Willy en ik afgesproken onderweg. Willy zou vertellen van contacten, die hij op verzoek van oom Henk in Frankrijk had gelegd. Ik zou vragen naar onze aansluiting bij zijn groep.
'Wij hebben er goed aan gedaan ons het Derde Front te noemen. Met het Eerste, in het Westen, hadden wij niets te maken; bij het Tweede, in het Oosten, ligt evenmin het heil voor de arbeiders. Zij hebben alleen belang bij onafhankelijke klasseactie, niet bij enig oorlogsfront.'
'Maar de Sovjet-Unie moet toch worden verdedigd', viel ik oom Henk in de rede.
'Wat is er nog te verdedigen? De Moskouse processen? De wurging van de Spaanse burgeroorlog? De sluipmoord op Trotski en anderen?'
'Natuurlijk niet. Dat is het stalinisme. Wij bedoelen de grondslagen van de Sovjet-Unie. Die heeft Stalin wel ondermijnd, maar niet kunnen vernietigen', antwoordde Willy opgewonden.
'Het valt te bezien wat daarvan over is. En dan nog. Wat betekent verdediging? Steun aan onze eigen regering omdat die nu bondgenoot van Stalin is geworden? Moet ik daar misschien een knieval voor maken?'
'Natuurlijk niet. Dat verwacht niemand van u', zei ik weer.
'Lees Trotski er maar op na. Die kennen jullie toch zo goed? Het begrip "onafhankelijke klassepolitiek" heeft hij opgeofferd aan wat hij "de verdediging van de SovjetUnie" heeft genoemd.'
'Het is niet waar wat u zegt.'
'O nee, jongeman? Schrijft Trotski de arbeiders in de kapitalistische landen geen verschillende taken voor? Zij
7i