de visserij meegaat. Als ze een brief in het Engels of Frans moeten schrijven, komen ze bij mij vragen hoe het moet. Daar ben ik goed genoeg voor.'
'Je overdrijft.'
'Jij verdedigt ze omdat je een vriendje van Overflakkee bent. Ook zo'n mooie.'
'Je lult uit je nek. Ze zijn veel te kleurloos, dat is waar. Overigens weten ze hun weetje wel. Drie redacteuren hebben een persprijs gewonnen: voor onderwijs, luchtvaart en literatuur. Die geven ze je niet cadeau bij dergelijke onderwerpen. Maar ze mogen zich niet laten gaan, dat is de makke. Alleen in een of ander weekblad kunnen ze stoom afblazen, dan doet de hoofdredacteur een oogje toe. En dan merk je dat ze veel kritischer zijn dan uit de krant blijkt.'
Siem keek nors voor zich uit, liep met grote stappen. Pas in de Damstraat minderde hij vaart. 'Kom mee', zei hij, en we sloegen linksaf de Walletjes op.
'Wat kan je de redactie schelen? En als je het zó erg vindt, jij kunt overal werk krijgen.'
'Maar ik heb geen hbs, alleen mulo, en daar kijken ze toch naar. Trouwens, bij de krant heb ik de helft van het jaar nachtdienst. Overdag lekker in mijn bed. Het paradijs voor het aftrekkersgilde', lachte hij schril.
Ik antwoordde niet.
'Tante Hillegonda had het ook weer op haar heupen', vervolgde hij, en keek me onderzoekend aan.
'Hoe dat?' vroeg ik. Als hij zo over Hilda sprak, was er iets gebeurd. Hij was zaterdagavond bij haar thuis geweest, om zijn grammofoonplaten te laten horen. De dag daarna waren ze allebei geprikkeld, en daar was geen verandering in gekomen.
148