EEN STUKJE POLITIEKE GESCHIEDENIS. 185
Voorlichting van de kiezers, hetzij door de pers, hetzij door strooi- of aanplakbiljetten, kende men nog niet. Van vergaderingen met kiezers was in het geheel geen sprake. Men ging uit plakken, noch uit schilderen. Kortom, voor een verkiezingscomité was het een ideale tijd. Zelfs was men afkeerig van eenigerlei verkiezings-actie. Ten bewijze hiervan diene het volgende. Toen de Representanten van Amsterdam vernomen hadden, dat een zekere Verster een anony-men brief ontvangen had, waarin hij werd aangemaand zijn stem op twee daarin genoemde personen uit te brengen, oordeelden zij het noodig, naar den schijver een onderzoek in te stellen en de burgerij voor dergelijke aanbevelingen te waarschuwen.
In het laatst van 1795 werden er enkele wijzingen in het reglement voor de kiesbevoegdheid gebracht en werd de leeftijd, waarop men kiezer werd, van 25 op 20 jaar gesteld.
Den 22sten Januari 1798 trad in Den Haag het Representeerend Lichaam van het Bataafsche Volk op. Aan het hoofd daarvan stond een Uitvoerend Bewind, waaraan alle provinciale en gemeentebesturen als administratieve lichamen ondergeschikt zouden zijn. Den vijftienden Maart werd de Raad dan ook reeds ontbonden, terwijl