TOONEEL EN MUZIEK.
163
Willem Mengelberg, die Kes in 1895 opvolgde, het middenpunt kon worden van het zeer intense muziekleven der hoofdstad.
Er is thans te Amsterdam geen orkest van be-teekenis naast dat van het Concertgebouw. Het Paleis-orkest, dat in den loop van de laatste tien jaren der eeuw ontbonden werd, bleef bijeen onder leiding van Wedemeyer, noemde zich Am-sterdamsche Orkestvereeniging en gaf concerten in het Gebouw der Maatschappij voor den Werkenden Stand, op den Kloveniersburgwal, doch moest het na een kortstondig bestaan opgeven. Er is nu nog slechts het zgn. Weerbaarheids-orkest, dat voornamelijk in Artis zijn arbeidsveld vindt, benevens de militaire kapel van het Amsterdam-sche garnizoen, dat eertijds, bekend als ,,de muziek van ’t Zevende,” onder Sonnemann, voornamelijk door de concerten in het Tolhuis, triom-phen gevierd had, later onder Zaagmans nog iets dragelijks presteerde, doch thans zonder betee-kenis is.
Een groote rol in het muziekleven speelde de opera. In het midden der negentiende eeuw had men te Amsterdam zelfs twee opera-gebouwen. Het eerste bevond zich op den Amstel bij de Halvemaansteeg; het herbergde later de Schotsche Zendingskerk en is thans, onder den naam van