HOOFDSTUK IX.
TOONEEL EN MUZIEK.
Het Tooneel.
Amsterdam had reeds in de zeventiende eeuw een beroemden, voor dien tijd zeer fraaien schouwburg, Coster’s Academie, op de Keizersgracht bij de Runstraat, die tegen het einde der achttiende eeuw het lot van zoovele zijner broederen onderging: hij werd door brand vernield.
De negentiende eeuw zag op het Leidscheplein den eersten Stadsschouwburg verschijnen, de Houten Kast (alleen de voorgevel was van steen), vlak bij het poortgebouw gelegen. Hij werd later vervangen door een voor die dagen modern gebouw, dat in Februari 1890 aan de vlammen ten prooi viel. Op dezelfde plek verrees eenige jaren later het tegenwoordige schouwburg-gebouw.
De Stadsschouwburg was in de 19de eeuw het arbeidsveld van de grootste figuren der Neder-landsche tooneelspeelkunst: Majofski, Snoek, Pee-ters, Mevr.Kleine, Veltman, VanOllefen, Albrecht,