112 SPIJS EN DRANK.
ooit dc waarheid nabij was, dat de Amsterdamsche arbeider zich voedt met aardappelen en jevener. Meer dan een half kilogram aardappelen per dag en per hoofd der bevolking wordt er onder normale omstandigheden niet geconsumeerd. Wel werd tijdens de oorlogsperiode een rantsoen van vijf kilogram per week verlangd, maar dit verbruik was gebaseerd op het maximum-verbruik in arbeidersgezinnen, op de slechte qualiteit en op het ontbreken van voldoende broodvoeding.
Toen het tijdens de oorlogsperiode noodig bleek het broodverbruik te rantsoeneeren, wist men van de grootte van het verbruik niets af. Thans staan vele en velerlei gegevens te onzer beschikking, die evenwel met de grootste omzichtigheid moeten worden aangewend. De voeding is toch zóó samengesteld, dat het ontbreken van één belangrijk artikel onmiddellijk voelbaar is in de hoeveelheid van het verbruik van een ander artikel. Hetgeen geldt voor het ontbreken van een product, is ook van toepassing op den prijs daarvan. Stijgt deze, dan zoekt het deel der bevolking, dat dientengevolge dit artikel ontberen moet, zich schadeloos te stellen door het gebruik van een ander, minder voedzaam of smakelijk voedsel.
Hierbij moet nog het zielkundig element in oogenschouw worden genomen. De bevolking was