Amsterdam en zijne bevolking in de negentiende eeuw

Titel
Amsterdam en zijne bevolking in de negentiende eeuw

Jaar
1920

Pagina's
270



HOOFDSTUK V.

HET VERVOERWEZEN.

Voor hen, die meenen dat de drukte in de stad, ten gevolge van het toegenomen verkeer per as, nu wel haar toppunt bereikt heeft, die luidkeels roepen om bescherming van den voetganger, is het niet onaardig er aan te herinneren, dat ook een honderd jaar geleden goede liën van oordeel waren, dat het zóó niet langer kon blijven.

Een geheele reeks voorschriften is aanwezig, aan het stadsbestuur aangeboden, opdat de burgerij tegen ongelukken gevrijwaard zou worden. Dat was ten dage, dat de toeslee er nog niet aan dacht het straattooneel te verlaten. Zij zelve veroorzaakte wel-is-waar weinig ongelukken. Hoe zou zij — zoo een stumperd zonder wielen — iemand hebben kunnen overrijden?

Jero de Vries geeft in zijn Pelgrimages naar oude plekjes en oude tijden de volgende beschrijving van dit voertuig: „De slee had een somber, triestig uiterlijk, als iemand zonder beenen, die zijn onbeholpen romp over de straat voortsleept, ’t Was

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.