Jankef's jongste

Titel
Jankef's jongste

Jaar
1930

Pagina's
436



de straf was, het hijgen van de verwoeste longen, bij open mond, bij groote koorts-oogen. Men sluipt door het huis, de kinderen beheerschen hun anders overweldigende luidruchtigheid; moeder zwijgt verslagen, vader verlegen, angstig voor de waarheid, en opgejaagd-schuldig, onbewust. Als Eli bij den zieke mag, lijkt het teveel om te dragen. Hij blijft bij den wand staan, zijn armen achterwaarts, als aan den grond waar hij staat, vastgebonden, met één overstelpend mededoogen naar den broer met wien hij kortgeleden nog heeft mogen visschen, zij aan zij, aan het walletje aan het eind van het woon-straatje. Telkens als hij terugkeert, poogt hij zich den toestand bewust te maken; telkens glijdt de poging weer af op den angst voor het volle beeld van het volkomen scheiden. De jongen steekt zijn arm uit, glimlacht. En Eli komt nader en neemt de hand. Been is de hand, hol is het gezicht; een verwoesting die voortgaat alsof een duivel-sche machine in dat lichaam bezig is het leven w'eg te zuigen. Angst heeft het kind voor de vervreemding die het verzwijgen van de waarheid tusschen hen brengt: het is of Ezra toch zal ontglippen, eer zij samen gezegd hebben wat zij willen. Angst heeft Eli ook voor de vreemdheid van die verandering, voor die wijking uit de warmte van het nest-leven weg; het is of woorden die hij niet kent, maar die zijn schrik, zijn poging tot omvatting van het gebeuren moeten uitspreken, naar zijn keel klimmen en daar stukbreken in een klem, eer hij iets van hun vorm heeft geweten, terwijl er een benauwenis naar zijn hoofd wordt geperst die telkens moet worden losgemaakt. VVaar-na een staat van onopmerkzaamheid komt, die weer wanhoop brengt.

En zij wisselen onnoozel geweten woorden... „Zal ik zeggen datje melk moet hebben?” — „Nee, ik krijg straks melk...” Afschuwelijke onzin.

En als hij het kamertje heeft verlaten, na een groet en een glimlach, is het een verlossing die hem in wanhopige onvoldaanheid doet vluchten, van allen weg. Maar van allen weg kan hij het Leven ontmoeten. Soms, op straat, is er de verrassing van een roep om mee te doen, uit den mond van kinderen die hem gister, als in vijandigheid

343

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.