Jankef's jongste

Titel
Jankef's jongste

Jaar
1930

Pagina's
436



van de groote tuinen nog de rijke wijd uitgeschudde beloften gelooven van den jongen dag die zich zoo royaal, zoo mild en krachtig en nog ruig, boven de stad en het water en het zachte land openzet met een vaart en een breede spanning die hem vertrouwd lijkt omdat hij hem aan den aanloop van zijn eigen stevig ondernemen doet denken. Als het middag wordt van zoo’n heeten zomerdag en de maaltijd en het huis met zijn levendigheid en zijn twisten hebben hem moe en vuil achtergelaten, dan drijven armoede, onlust en twintig eeuwen Ghetto hem vaak van de hitte-gietende zon weg naar de schemering van den uitdragers-zolder, waar een halve vierkante meter dakraam het duister uitzeeft tot een beschuttend grijs. En waar het herbouwen van honderd levens en bewogen levensoogenblikken uit zooveel verminkte materie-resten, als het weer gaaf mijmeren van torens die geknot en bestoven staan, en het overeind droomen van tot muur-wrakken en kamerschampsels uiteengevallen steden, hem het helle drinken van zon en zatten dag vergoeden en doen vergeten. De grijze dagen kan hij buiten blijven; dan is de wereld als een ontzaglijke kamer; alles is er vertrouwelijk aan, en in die warmte en dat dekkende licht is alles zichtbaar, kenbaar en genietbaar.

Eli staat in de straat, te kijken naar het tollen, te bedenken hoe hij, al is hij er al wat groot voor, aan tol en zweep zou kunnen komen.

Plechtig en trotsch komt vader aan, verlegen’glimlachend van plechtigheid, want het moet opvallend zijn in de arme straat, zoo’n net met visch, waar ieder hier hoogstens aan een karretje een restje dooie beestjes ofkatvisch koopt.

Van den overkant, uit het kroegje van vrouw van Galen, komt het lawaai van een dronken gebrul en stampend hossen, van uitroepen doorschoten, zeldzaam voor een weekschen ochtend. Een groepje grootere jongens en meisjes staan gretig wachtend ervoor bijeen, en eer Vader nog in huis kan gaan, wordt de kroegdeur daar belklin-gelend opengegooid, en aarzelt een klitje jonge mannen naar buiten, blijft op het stoepje bijna omarmd staan lallen en zoekt allengs contact met de straat. Eerst aar-

299

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.