Jankef's jongste

Titel
Jankef's jongste

Jaar
1930

Pagina's
436



ten, hem zijn fooitjes van zijn baantjes aan de Joodsche genootschapjes onthouden en zijn vijanden zijn, komt er een dag dat zij hem aanhouden op straat of op de markt opzoeken. Zij teemen en vleien en beloven hem goud; zij verwijten hem fleemend dat hij den Jood voorbij gaat en bij een „trijfe goj” zijn goed brengt. De concurrent zamelt, evenals Jankef, ook in het klein in en is dus voor Jankef ook concurrent, ja, een indringer; want Jankef vindt dat zijn handel, hem en de zijnen opgedrongen, voor Christenen verboden gebied is. En zoo komt, altijd weer opnieuw, de verzoening, in de eindeloos nieuwe hoop dat de Beer’s zich beteren zullen; Jankef is naïef; hij gelooft in den goeden wil van alle Joden jegens hem, en aan zijn gevoeligheid voor woorden van verontschuldiging en beloften kan hij nooit ontkomen. Of hij of de jongens gaan: den eersten keer komt het lokkebrood: de Ëeer’s zijn prachtig op tijd; zij wegen ordentelijk; zij betalen den afgesproken prijs. Den tweeden keer, zonder eenige uitzondering, begint alle leed opnieuw. Men wacht aan de loodsen bij de opgeladen kar, eenzaam, in hitte of regen, een half uur, een uur, drie uur. Iemand moet naar hun huis sjouwen om hen te halen; zij zullen komen, en een uur later drentelt of fietst er eentje aan. De loods wordt ontsloten; een knecht, beloofd, wordt niet meegebracht; men sjouwt, terwijl de Beer’s toekijken, de zware zakken en manden naar de schaal, en nadat alle kwaliteiten afgekeurd en in prijs omlaag geschoven zijn, slinkt ook het verwachte gewicht op ongeloofelijke manier tot de helft ineen, en daalt de opbrengst tot een deeltje van de schatting.

Niemand weet ooit hoe honderd kilo, tachtig blijkt; hoe de wol tot katoen, hoe de helft van het rood koper tot den prijs van het geel zakt; hoe het zorgzaam bijeengespaarde kostbare zakje „gebreid” op hun schaal smelt als spinazie in de pan, en de helft van zijn prijs loont; niemand weet ooit, hoe het komt, dat hij, langs de stille singelgracht, weer weggaat met geld in zijn zak, dat een schaduw is van wat hij had gerekend te zullen ontvangen.

Als Eli met Jankef gaat, blijft er ternauwernood van het plezier een grapje over: Jankef trampclt, Jankef vloekt,

241

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.