zijn: konden ze er samen gijn over hebben). En daar heb je die smerige Willem van de Scheele Konijnendief; wat een lef, dat stuk papzak; loopt gearmd met Drina Smid; eventjes een mokkel, die Drina. Ja ja, „men moet het ijzersmeden als het heet is!”
Vijftig heeft hij er allemaal even geproefd, hun jongens machteloos benijd en allengs bemerkt dat de afstand tus-schen zijn wenschen en zijn kansen pijnlijk groot is. Koppig weigert hij nog, nu hij zijn zeven zilveren schijven weet, aan te nemen dat zijn uiterlijk en zijn sociale positie in het stadje de oorzaak zijn van zooveel minachtende reacties op zijn grove, maar niet uitzonderlijk-grove lonk-jes. Eindelijk, omdat er toch geen gevaar van slagen is, en nadat hij de verloren Marietje in volstrekte stilte tot de aangebedene van zijn avond heeft gemaakt, is hij een oogenblik vlak voor drie vette blinkende gofferts van meiden gaan staan, drie glimmende dochters van den paar-dcnslagcr, die schijnheilig netjes gearmd loopen, maar, zooals Mau denkt, alle drie vanavond rolpens worden. Hij salueert naar zijn vodje pet:
„Zóó, dames.”
„Zóó, Jood.”
Terwijl hij met een zuur lachje terugstapt, ondanks zijn ervaringen van vanavond nog geschrokken van dien slag, loopen zij gierend haastig door. Hij vindt nog juist genoeg van zijn waardigheid terug om even te roepen: „Hè! zeg! Dat komt zeker van dat paardevlccsch hc? datje zoo door moet loopen; ze zeggen datje daar niet stil van kan staan!”—Eénkijktnogcvenoverhaarschoudcrom, ensist: „Vuile smous!” — aarzelloos in haar besef van gctals-macht, alsof hij de eerste bclcediging heeft gepleegd. — „Je hondehart eraus,” wrokt Mau zacht na. Hij ziet hoe de meiden onder elkaar verontwaardigd over hem napraten; dan grijpt een slinger Zondagsch-aangeklecde jongens haar bij de polsen in den hos. Zij laten zich zonder aarzelen om het middel grijpen, en overal grijpen, en zoenen; in een oogenblik tijds hangen haar hoeden al scheef, en zij schreeuwen meteen al geestdriftig mee, in het dreigende rythme van haar brullende horde: verloving, huwelijk en rauwe braafheid liggen al voor haar
106