Simcha, de knaap uit Worms

Titel
Simcha, de knaap uit Worms

Jaar
1936

Overig
De knaap uit worms

Pagina's
395



„Ik ben Simcha Hacohen, uit Worms. Mijn vader, mijn moeder, zeven broers en mijn zuster zijn met alle Joden van Worms omgebracht door de Kruisvaarders.”

De monnik boog het hoofd en staarde naar den grond. Hij sloeg een kruis. Zijn blik was verschrikt, toen hij dien weer naar Simcha hief.

,,Maar kom toch mee, heer,” zei hij pijnlijk, ,,nu te meer moet ik u herbergen. Ik zou mij bezondigen als ik u verder liet gaan. Voor uw paard is ook goede plaats bij ons. Kom toch met mij mee.”

In de schoongeboende cel waar aan den nog ongeverfden houten wand het Kruis hing dat Simcha onthutste, zag hij op een ruwe tafel, bij pluimende ganzenveeren, zorgzaam beschreven vellen pergament, met roode en blauwe sierletters getooid. De monnik vertelde dat hij de schrijfstof daarvoor uit planten van den hof zelf bereidde. Van den Latijnschen tekst verstond Simcha niets, want dat was even onbekend bij de meeste geletterde Joden als het Hebreeuwsch bij de Christenen. Maar hij moest in gedachten het „Lehafdiel”, het „om scheiding te maken tusschen heilig en onheilig” zeggen, want die taak vol vreugde en volharding deed hem aan den Soufijr, den Wetschrijver denken die een jaar lang bij daglicht en kaarsen aan de heilige Wetsrol schreef, en vastte, wanneer met een geringe fout die arbeid waardeloos was geworden, ook al ging het om den laatsten volzin. Hij vertelde daarom van de daden der Walbroeders. „Zij hebben de Wetsrollen in Worms, Mainz en Keulen vernietigd,” zei hij, „na alle Joden te hebben geslacht.”

„Het is slecht,” zuchtte de monnik, „en geheel tegen Christus.” Hij bracht hem brood, bier en vleesch. Het vleesch weigerde Simcha; het brood en het bier was hem, zei hij, geoorloofd in den nood. De monnik knikte en nam het vleesch weg. „Bid,” noodigde hij vol belangstelling. „Bid,” herhaalde hij tot Simcha’s verbaasden blik, „uw eigen gebed.”

Toen hij gegeten had, vroeg de Knaap:

„Waarom haten zij ons?”

„Omdat zij Christus niet kennen. Zij gaan in Zijn plaats staan. Zij heffen zich niet op tot God, maar verlagen God

382

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.