Simcha, de knaap uit Worms

Titel
Simcha, de knaap uit Worms

Jaar
1936

Overig
De knaap uit worms

Pagina's
395



schen de machthebbers en overige bewoners van de dorpen, en hun beschermelingen. Zij hielpen woonruimten zoeken en levensmiddelen verzorgen, en hoewel zij in de buurt van de bevriende families bleven, wekten zij bij de meeste Joden veel ontroering om die saamhoorigheid die krachtig bleef in den naakten nood van deze onttroning en van den eindelijken ondergang. Voor die knapen was het een kleine Kruistocht; het bracht hen dezelfde bevrediging van verheffing, offering en standvastige liefde en vriendschap, en zij waren gelukkig in de warmte en bij de heerlijkheid der mooie meisjes, met wie zij bleven hopen op redding, en op de belooning van een huwelijk na deze onverwacht-enge nadering. Maar de Rabbanniem en Reb Salzmann. Reb Tobias en allen die zich totnogtoe niet aan de judasachtige streeling van de lichtgeloovigheid hadden kunnen toevertrouwen, wisten het anders. Bisschop Hermann mocht dan door zijn bemoeienis nog bij velen den indruk wekken van den Redder, de ernstige eenvoudigen zagen in zijn zetten niets dan vruchte-looze pogingen om zijn schuld met een nerveuze ongereede hand uit te wisschen, en de scherpsten wisten dat zij allen voortbeenden in het dal van den dood. Rabbi Gerschom, die met Mar Juda, Mar Joseph en Rabbi Peter naar Ahrweiler was gevaren, zei stil, toen zij uit den wagen waren geklauterd: ,,Hij wil ons bloed niet ruiken; hij heeft de slachtplaats verschoven”. Maar Rabbi Gerschom sprak daarmee de bevinding uit van den verplaatste en niet van den ver-plaatser. Hij wilde er ook alleen zijn gewisheid omtrent den afloop mee te kennen geven. Stellig had Bisschop Hermann de bewuste slimheid niet, om den dood van de Joden van zich te verwijderen. Dat enkele van zijn meegegeven knechten den kruisvaarders de verblijfplaats van hun wagenla-dingen zouden meededen, daarvan kon de Bisschop zich niet verzekerd houden. Toch hadden, behalve de Rabbanniem die aan de belooning door den Hemel dachten, nog velen onder de gemeenteleden dienzelfden blik op hun naderende Opheffing; dien blik van aanvaarding der Verandering die wel schokkend mocht zijn voor het bloed, maar die nochtans onafwijsbaar was, en waartegen het belache

342

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.