Simcha, de knaap uit Worms

Titel
Simcha, de knaap uit Worms

Jaar
1936

Overig
De knaap uit worms

Pagina's
395



„Jood, breng ons bier!” Met een nieuwen verbindenden lach naar de anderen zei hij zachter: „Wij hebben nog zwaar werk in zicht, wij mogen geen dorst lijden.”

De anderen lachten weer met breede monden, en een lange met een blonden baard dreef heimelijk aanmoedigend op met den eisch: „Wijn! Wijn!”

„Ja! Wijn!” riepen zij.

Toen Simcha in het gezicht van den jongen een gebroken trek zag van aarzeling en gedwongen doorzetting, herkende hij het gezicht met de ontstoken oogen, dat op den middag bij het Boogschuttersf eest ook zoo zonder volle zekerheid naar hem, Esther en Hanna had omgezien, bij zijn woorden over het duel en den moord op de Christenen, waartoe de gewelddadige dood van den Joodschen koopmanszoon verdraaid was. Simcha liep een oogenblik vol met een zwaarte, veel afschuwelijker dan toen, want de bedreiging was nu zooveel dichterbij gekomen, zij was al werkelijkheid geworden in Speijer, en ook alle pijn om Hanna en dien ridder was immers daarop als juiste voltrekking gevolgd. Want hoewel hij Hanna’s grievende zonde met dien vijand niet kon verklaren als opzuiging van haar onrust door de vijandschap, kon hij toch de schamperheden van dien Reb Matthias niet vergeten die gezegd had: zij verkoopt zichzelf, zij bepaalt zelf den prijs,” en iets aan zijn kervende wonde daarom zei hem dat die verscherping en verdieping van dit leed door het al-gemeene gevaar, niet enkel toeval kon zijn. „Met mijn ring,” dacht hij, „aan haar lieve hand, met mijn gelukkige woorden die er nog aan leven, is zij opnieuw naar dat roofdier gegaan; men kan evengoed bij een wolf of een stinkenden leeuw gaan liggen. Hoe zal hij dat ooit begrijpen. Dat kind met haar lieve armen en mond, en haar woorden van het Joodsche meisje die smelten in het hart van den bruidegom. God van Israël: een dier dat op den dood van haar volk loert; hier zijn zijn knechten of de knechten van zijn mede-dier, zijn eigen scherpe tanden en klauwen, en het gevaar is meer nabij dan ooit. Zij moet toch lijden, Hanna, in dien greep, en zij begeeft er zich weer in. Judith heeft haar volk gered met zijn moordenaar in haar bekoorlijkheid te nade

185

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.