Jankef's oude sleutel

Titel
Jankef's oude sleutel

Jaar
1930

Pagina's
336



is dat toch tenminste seef? Die jongens die krijg je dan nog wel. Kom, ga mee? Doen?”

„Een nieuwe sleutel?” Eli bedremmelt ervan. „Maar een nieuwe sleutel....”

„Kóópen natuurlijk jong! nou ja, ik weet wel wat je nou zeggen wil. Maar die paar centen die heb ik nog wel. Kom maar mee en lui maar niet over die centen.” Marius spreekt blijkbaar met al zijn plezier; het werkt aanstekelijk op alle drie anderen.

„Ku-je doen,” zegt Max tot Eli met een vriendelijk oog-op-trekken.

En Hanna, koket:

„Nou jongetje?”

Mooi van hem, denkt Eli; er is toch wel iets echt prettigs aan die jonge. Al ontbreekt er wat aan, al is het niet dat wat hij zoekt: genoegdoening tegenover die niets ontziende vijandigheid van de medeleerlingen —- het is precies het meeste, dat hij hier kan vinden. Een nieuwe sleutel gaan koopen en op de schuur zetten: thuis van alle bijbel schoon. Maar het bevalt hem niet dat, als Hanna, teruggetreden, hem met schitterende oogen aanziet, zij eigenlijk erkentelijkheid van hem eischt omdat het om haar gedaan zou worden. Er is niets aan te doen: zy en Marius zien elkaar aan, en versterken hun verband in een lach. Al weet Hanna ook wel dat zij verraderlijk doet, dat de bevrediging niet gebracht wordt voor die diepe beleediging aan Eli’s en hun liefste eigenheid, zij geeft zich toch, als aan een feestelijkheid, over aan de vreugde om Marius’ bereidheid om harentwil, en de vriendschap waartoe hij daarvoor in staat is.

„Kan je’m derin zetten?” vraagt Max, „ja, dat is je wel toevertrouwd hè?”

„Ik ben van alle markten thuis hoor,” lacht hij naar Hanna gewend, en opeens vrijmoediger, daar de aandacht toch eenmaal volkomen tusschen hen tweeën is, juicht hij om zijn eigen inval naar het triomfantelijke meisje: „Behalve dan morgenavond van de markt met de muziek! Daar blijf ik niet van thuis!” Hanna lacht: er ontbreekt niets voor haar aan; zij zal wel zorgen dat hij haar vindt.

Max van Raalte kijkt woedend omlaag, als de Bree, met een stilleren glimlach om zijn mond en in zijn groote oogen, Han-na’s hand neemt en drukt.

„Nou ik zie jullie dan nog wel’s hè?”

„Misschien wel, wie weet,” belooft Hanna recht in zijn oogen.

91

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.