Jankef's oude sleutel

Titel
Jankef's oude sleutel

Jaar
1930

Pagina's
336



bij hoor!” Hij vindt liet spel tusschen die twee ergerlyk en leidt het snel weer af door over Eli verder te spreken. „Verdomme, da’s een feestdag voor je hè? Moet je ’t zoo zien te houen zeg. ’s Jonge: het sieraad van de klas.”

Eli kijkt op en weer neer. En met een naar gesluierdheid gezakte stem, hoofdzakelijk naar Max gekeerd, vertelt hij nu kort van de vijandigheid in de klas tegen zijn plaats, en vooral de grieving met Jankef’s sleutel. Hanna voelt zich weer een oogenblik met hem, en in hun bloed gekrenkt.

„Wat een brutaliteit!” zegt zij verontwaardigd. Zij denkt daarbij nu niet aan Marius, maar die wendt toch dadelijk zijn blik naar haar; elke uiting van levendigheid treft en bekoort hem. „Beroerd voor je,” mompelt Max, „vervelende mispunten zijn dat daar.”

„En durf je nou niet naar huis?” vraagt Marius.

„Och, onzin!” roept Hanna, „daarom gaat het niet.”

„Nee nee, dat begrijp ik wel,” verbetert zich de lange jongen. „Het is natuurlijk de beleediging,” bemiddelt Max tusschen zwart en blond en tusschen rijk en arm. Hij gehoorzaamt den geest van zijn huis, tegen zijn onwil in om Hanna en Marius in hun vrijage te steunen.

„Och, die jonges daar die hebben het in hun kersepit,” vertelt de Bree. „Die doen toch zoo gek.”

„Hoezoo?”

„Och, ze willen naar Canada niet?” Hij lacht. „Ze hebben een soort vurig bloed-verbond of weet ik hoe ze die poespas noemen, om naar Canada te vluchten. Die jonge van Born, van de Mof van het Gym, die is dan zoo’n beetje de Piet; die heeft alles in handen. Dat is daar een lollige boel. Wat die jonge zegt, zoo gek is ’t niet, of de anderen doen het. Maar ze halen rare dingen uit, hoor!”

„Wat dan....”

„Nou, ik kan eigenlijk alles niet zeggen, want ik -weet het ook dan zoogenaamd in vertrouwen; maar in elk geval, die jongens bij Heideman, die zijn gek. Nou ja, affijn, dat is tot daar aan toe, maar dat ze nou zulke grappies uithalen als die pesterij aan jou, zie, dat vin ik verdomd dun.”

De handen in zijn broekzakken, na een glinsteringetje in Han-na’s onder het luisteren blijden blik, rekt hij zich tot Eli.

„Nou maar jij, (hij neemt Eli vanuit zijn losheid op) Nou dat dan zoo gebeurd is met die sleutel van jullie, weet je wat wij moesten doen?” knikt hij. „Als wij nou’s samen een nieuwe sleutel op dat slot gingen verzorgen. Hè? — wat dunkt je. Dan

90
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.