Jankef's oude sleutel

Titel
Jankef's oude sleutel

Jaar
1930

Pagina's
336



staan. Je mag het dan een oogenblik wantrouwend aankijken, maar het doet als een mensch (voorloopig als een vrouw, want hij heeft weinig moederlijks ervaren) en zegt: „Kom maar! ja het is heusch zoo, het is voor jou, maar wist je dat dan niet?” Want hoe is dat nu mogelijk dat je dit zoudt kunnen verwachten, zoo’n beurt op zoo’n dag, als je iemand bent die bij zoo’n vader thuis alle heerlijkheid verloren heeft; als je alle broers en zusters bij wie je een leven hadt als misschien geen kind ter wereld zoo heerlijk, hebt moeten zien wegtrekken terwijl het was alsof de een na den ander het zeldzame geheim dat je met ze dacht te hebben, verbluffend verried. En vader je in dat zelfde heilig geworden huis een vrouw voor je neus zet die met stem en handen en met alles wat van haar komt, zelfs de herinnering, zelfs de stille aanbidding van dat verleden met wrange domheid in je terug houdt. Als je zoo’n jongen bent, dat je dan dit toch opeens wordt toebedeeld!

In die gevoelens omstreelt hij de onderscheiding van dien grooten dag die hem zoo uitnoodigend staat op te wachten. Een voorgangers-dienst van bijna een uur, behalve de Thoralezing, en dan nog, daarin, op den vóór-avond, en op den dag zelf, een paar verrukkelijke gebeds-liederen met het koor dat Nolle Bloch (die daarvoor weer eens heelemaal extra „vroom” en Sjoel-bezoeker is geworden) al een half jaar geleden opnieuw is gaan samen stellen en oefenen, en dat dus, terwijl hij op de verhevenheid van de Biemah zal staan, vóór hem, tus-schen hem en de Heilige Arke zal zijn opgesteld en hem begeleiden moet. Meneer Meyer bemoeit zich daar niet mee; hij zingt zelf ook een paar maal met het koor, en hij heeft Eli op het hart gedrukt, voor de muziek zijn zegging niet te verwaar-loozen; hjj deed het met vertrouwen, zooals vaak, wanneer hij met hem alleen is. Eli heeft een paar maal met Nolle Bloch en het koor gerepeteerd; hij zong de melodie in de aansluiting op het koor in drie keer zonder fout; het w^as mooi zoo, zei Nolle Bloch: ze zullen nog wel eens zien wat wij hier kunnen, wat? Maar jij wordt een reuzen-Gazzen,” brauwt hij West-Overijssels, „onze Siegfried en onze Leo zijn ook muzikaal, maar ze willen studeeren; onze Sieg die wil dokter worden en onze Leo die wil bij de Balie, in de rechten, ja ’t is wel plezierig, onze kinderen doen hun best. Maar jij zingt het goed, waarachtig, heel aardig.” Dat is prettig om te hooren, vooral dat de jongens zoo goed studeeren en dokter en advokaat willen worden, maar het is niets vergeleken bij het diepe genot (dat door Nolle Bloch niet bedorven kan worden) van het uit-

139

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt met OCR (Optical Character Recognition).
Deze techniek levert geen 100% correct resultaat op. Dat betekent dat er onjuiste tekens in de tekst kunnen voorkomen.


Weergave
Afbeelding / Tekst (OCR)

Alle boeken in deze digitale bibliotheek kunt u gratis lezen of downloaden. Met een vrijwillige donatie helpt u ons met het in stand houden en verder uitbreiden van de bibliotheek. Klik hier als u een bijdrage wilt overmaken.